logo 1
Contactgroep Auto- en Motorrijwiel Historie

Berwi, Winschoten

berwi-carrosserie-1

In 1951 begon Jan Jurrien van Bergen een eigen bedrijf dat gespecialiseerd was in het maken van carrosserieën en brandweerwagens. Het werd bekend onder de naam Berwi, afgeleid van Van Bergen Winschoten. In de eerste jaren bouwde hij vooral brandweerwagens met pompen die geleverd werden door zijn broer (Andries Heero van Bergen, Heiligerlee), maar in latere jaren begon hij ook andere pompen in te bouwen. Zo had hij korte tijd een samenwerking met Motorkracht en Ajax de Boer. Voor Ajax de Boer bouwde hij in de loop van de jaren nog meer brandweervoertuigen. Ajax de Boer was onder andere importeur van Ziegler uit Duitsland.

Fa. J. Beks Jr. Carrosserie- en wagenbouw, Groningen

De Firma J. Beks Jr., carrosserie- & wagenbouw te Groningen verkocht (of maakte?) de W.F.K. motortruck (of in gewoon Nederlands: ijzeren hond). Verder is hier niets over bekend.

WFK-beks-carrosserie-1958-02

 

Deze advertentie stond in het Nieuwsblad van het Noorden van 15 februari 1958

Carrosseriebedrijf C. Gaarthuis, Alkmaar

carrosserie-gaarthuis-2

C. Gaarthuis maakte van 1935 t/m 1967 brandweerauto's, ambulances en andere auto's. Bekend is een trapauto voor een carroussel, circa 1935 (klik hier!)

Lees het artikel over Gaarthuis in het Conam Bulletin van april 2015 (je dient hiervoor eerst in te loggen via de homepage)

 

Wagenmakerij/Carrosserie van 't Riet, Alphen aan den Rijn

carrosserie-van-t-riet-1Willem van 't Riet begint in 1919 een carrosseriebedrijf in Alphen aan den Rijn, in het voormalige pand van wagenmakerij/smederij van A.L. van Vulpen. In de jaren zestig van de vorige eeuw wordt dit bedrijf overgenomen door zijn zoons Jan en Bart, die dit tot 1988 hebben voortgezet.

De hele geschiedenis van dit bedrijf valt te lezen in een artikel in 'De Viersprong' uit 2007 (in .pdf)

 

Medema, Appingedam

MedemaDe Damster Carrosseriefabriek P. Medema Wzn. was van ongeveer 1928 tot 1960 een carrosseriebedrijf te Appingedam in de provincie Groningen.

Medema heeft carrosserieën gebouwd voor automobielen, vrachtauto's en vooral autobussen. Tot zijn afnemers behoorden voor de Tweede Wereldoorlog toonaangevende Groninger vervoerbedrijven als de GADO te Hoogezand, Oostelijk Groningen te Winschoten en de DAM te Appingedam. Na de oorlog was de GADO - inmiddels een dochteronderneming van de NS - verplicht haar autobussen centraal in te kopen, maar toch werden in de jaren 1948-54 nog enkele Scania Vabis- en Crossley-bussen en een unieke Kromhout-bus met Medema-carrosserieën aan het GADO-wagenpark toegevoegd. De DABO te Meppel, de EDS te Hoogeveen, de NWH te Zwartsluis, de Marnedienst te Zoutkamp en de ESA te Marum, belangrijke streekvervoerbedrijven in de noordelijke provincies, lieten eveneens een aantal Medema-bussen bouwen. De DAM bleef de trouwste klant en daarnaast betrokken vele touringcar-ondernemingen hun materieel bij deze fabriek. Buiten het noorden des lands waren het vooral streekvervoerder Tensen in Soest en stadsvervoerder De City in Eindhoven die orders bij Medema plaatsten. Bijzonder waren negen aanhangbussen voor de RTM in 1957.

De firma Medema, die in de jaren vijftig in een nv werd omgezet, was een betrekkelijk kleine carrosseriefabriek met een geringe productie. De nadruk lag altijd op vakmanschap, zeer degelijke kwaliteit en fraaie vormgeving, maar de keerzijde van deze medaille was een lange levertijd, hoge aanschafprijzen en het relatief hoge gewicht van de Medema-bussen. Andere busbouwers gingen geleidelijk over op seriebouw en Medema's orderportefeuille was aan het eind van de jaren vijftig nagenoeg leeg. De ook in Appingedam gevestigde concurrent Smit wist enkele orders voor Medema's neus weg te kapen en daarmee was het faillissement in 1960 een feit. Van de karakteristieke Medema-bussen is geen enkele bewaard gebleven.

(bron: Wikipedia)

A 20863 medema appingedam(bron foto: Gronings Archief)

Schrör & Vriend, Lichtenvoorde

Carrosserie- en aanhangwagenfabriek Firma Schrör & Vriend B.V., te Lichtenvoorde

In de jaren twintig van de vorige eeuw begonnen de heren Schrör en Vriend een fabriek voor Transportwerktuigen, Machines, Trailers en Aanhangwagens in Winterswijk. Later verhuisde de firma naar Lichtenvoorde. De initialen van de pioniers staan nog in de huidige naam ESVE. In 1992 werd de trailerbouwfabriek overgenomen door de Eeftink Rensing Groep.
bron: website ESVE

schror vriend 05

Carrosseriefabriek Loeffen, Wijchen

loeffen-wijchen-1Korte familiegeschiedenis van het carrosseriebedrijf Loeffen uit Wijchen (door Kees Dekker)

Het begon allemaal met opa Gerrit. Hij was timmerman en bouwde in 1928 een woonhuis aan de Heumenseweg te Alverna. Samen met zijn vrouw Wies kregen ze er 7 kinderen. In 1948 startte Gerrit in een schuurtje achter het huis een carrosseriebedrijf. De zaken gingen goed en vier jaar later (1e steenlegging 28-02-1952) kon het schuurtje worden vervangen door een loods waarin ook ruimte was voor een spuiterij. (zie de foto hieronder)

loeffen-wijchen-2

Stenis Carrosseriebouw B.V. , Rotterdam

Willem G. van Steenis begon in 1927 als wagenbouwer in een gewone stadse woonwijk, de Willem van Hillegaersbergstraat 39 in Rotterdam-Noord. Later werd overgestapt op het maken van carrosserieën voor vrachtwagens. Na de Tweede Wereldoorlog had Van Steenis (met dubbel-e) veel vaste klanten, onder andere de vrachtwagentjes van J.C. Tims (de drankenfabrikant van Royal Club tonic, Si-Si en Pepsi-Cola); Niehuijs en van den Berg, een bedrijf in de Rotterdamse haven met de grote Borgward 1800 bestelbussen en Mercedes 319 busjes. Maar ook De Heer bonbons en chocolade (Magirus - bolkop), Verkade (de Chevrolets waarvan de laadbak met schuifzeilen werd afgesloten) waren klant. Net als Radio-Holland (die onderhield communicatieapparatuur van en voor schepen) en de RTD (Röntgen Technische Dienst).

In het bedrijf werden moderne toepassingen gecombineerd met traditionele ambachtelijke techniek. De dagelijks leiding lag in handen van twee of drie broers met elk hun eigen taken. De oude mijnheer van Steenis ('Mijnheer Willem', maar zo werd hij alleen achter zijn rug om genoemd) was lid van een bevindelijke geloofsgemeenschap. De sfeer in het bedrijf was erg serieus, bijna formeel; onwelgevallig woordgebruik werd niet op prijs gesteld.

Half jaren zestig verhuisde Van Steenis naar de Spaanse Polder, een industriegebied in Rotterdam-West, maar uiteindelijk ging het bedrijf in begin jaren negentig failliet. Er werd een doorstart gemaakt onder een nieuwe naam 'Stenis'. De tweede 'e' vond men te moeilijk in de marketing en men beoogde een breuk met de oude tijd. In september 1991 begon Van Steenis samen met Deckers Carrosserie in Rotterdam een carrosseriebedrijf onder de naam 'Deckers van Stenis'. Toen Deckers in 1993 failliet ging bleef dit bedrijf buiten het faillissement en ging door onder de naam 'Carrosseriebouw van Stenis'. In 2014 is dit een gezond bedrijfdat nog steeds is gevestigd in de Spaanse Polder te Rotterdam.

(Met dank aan Feike Gercama).

Steenis 1930100 Ford Wereld1930

volvo-LV154-motorwagen-en-aanhanger-carrosserie-steenis-rotterdam Volvo LV 154 motorwagen en aanhanger van Carrosseriebouw Stenis, Rotterdam

Koster, Wolphaartsdijk

Bram Koster begint Koster Carrosserie in juli 1947. Het bedrijf stopt in 1985 door ziekte van de eigenaar.

volvo-carrosserie-koster-wolphaartsdijk

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Foto: tweemaal opbouw van Koster op Volvo vrachtwagens

Jan Jongerius N.V., Utrecht

Jan Jongerius (1888-1941) werd in 1925 dealer van Ford en bouwde zijn bedrijf uit tot de grootste Forddealer van Nederland met onder andere garages in Utrecht, Amsterdam en Arnhem. Ook begon hij met de bouw van autobussen, vrachtwagens en kraanwagens. Op een gegeven moment had hij meer dan 650 man personeel in dienst.

Jan Jongerius stierf plotseling in 1941 op 52-jarige leeftijd. Na de oorlog ging het bergafwaarts met het bedrijf. Morris importeur Molenaar startte in 1948 in de van Jan Jongerius gehuurde fabriek in Jutphaas met de assemblage van Morris en MG, maar verhuisde in 1953 naar Amersfoort. In 1954 werd Jongerius failliet verklaard en in 1955 kwam het gehele Jongerius terrein, inclusief het woonhuis en het kantoor in bezit van Defensie.

Het complex van villa, tuin en kantoor op het terrein was een ontwerp van Jan Jongerius zelf. In 2006 werd dit bijzondere gebouw geheel gerestaureerd.

van Bergen Carrosseriefabriek, Eindhoven

Nadat Carrosseriefabriek Hover & Van Bergen in 1942 wordt ontbonden gaat Mathijs van Bergen alleen verder. Het adres is wisselend Havenstraat 3 A, 3 D en 11. Wat hier achter steekt is niet duidelijk. Wel duidelijk is dat Van Bergen zijn fabriek per 1 augustus 1943 verplaatst naar de Broekseweg 25, ook in Eindhoven. Het pand aan de Havenstraat wordt dan afgebroken om ruimte te maken aan de nieuwbouw van het automobielbedrijf van Jacques van der Meulen. De oorlog weet Van Bergen blijkbaar goed te doorstaan. Er worden brancards en carrosserieën gemaakt en gerepareerd, maar ook rijtuigen. Direct na de bevrijding van Eindhoven op 18 september 1944 zijn er al personeelsadvertenties te vinden. Kort daarna bouwt Van Bergen jeeps afkomstig uit de oorlogsdump om tot stationwagens. Door de grote vraag zou Van Bergen zelfs tot seriebouw zijn overgegaan. In het tijdschrift van de Eigen Vervoerders Organisatie wordt er reclame voor gemaakt. Het bedrijf werkt in die tijd ook veel voor DAF. Met als datum 15 mei 1959 wordt Carrosseriefabriek M.H.A. van Bergen, nog steeds gevestigd aan de Broekseweg 25, bij de Kamer van Koophandel als opgeheven uitgeschreven.

Bron: Paul Vlemmings, artikel in het Conam Bulletin, 2020/3

bergen-eindhoven-carrosseri
Deze foto is waarschijnlijk genomen op de Broekseweg in Eindhoven omstreeks 1945 voor de woning van Jac. van Vroonhoven en het carrosseriebedrijf van de fa. van Bergen. De vrachtauto, een Büssing uit 1932, is door van Bergen in 1945 van een nieuwe carrosserie voorzien.

Heida / Heiwo Lichtmetaal N.V., Wolvega

De geschiedenis van Heiwo begint in 1926 als wagenmakerij onder de naam Heida's Carrosserieën Wolvega, waaruit de hedendaagse naam is ontstaan van Carrosseriefabriek Heiwo B.V. Vanuit de wagenmakerij ontstond een allround carrosseriebedrijf, waar plywood en koel- / vriesopbouwen voor opleggers, aanhangwagens en trucks worden geproduceerd. Heiwo is van oudsher een innovatief bedrijf. Zo was Heiwo in 1953 de eerste fabrikant in Europa die zich specialiseerde in de productie van geheel aluminium carrosserieën. In 1970 werd aangevangen met de productie van geïsoleerde sandwichpanelen.

(bron: website van Heiwo Carrosseriebouw)

heida-1953-11advertentie november 1953

  • galerij:

Be-Ge (Holland) N.V., Meppel

Be-Ge uit Meppel niet alleen cabines voor Scania-Vabis in Zwolle, maar ook voor Volvo in België. In 1966 lijfde Scania het carrosseriegedeelte van de Be-Ge groep (Zweden en Nederland) in en werden alleen nog maar cabines voor Scania geproduceerd. In 2002 werd de fabriek gesloten. In 2005 werd echter de fabriek heropend, maar cabines worden er niet meer gemaakt

zie artikel uit 1964 hieronder:
scania-meppel-1964

Carrosseriebouw Jos Mulder B.V., Bunnik

In 1935 startte Willem Mulder, zelf zoon van een wagenmaker, zijn bedrijfje in Werkhoven.

jos-mulder-carrosserie

Fa. J. van Eck & Zonen, Lexmond/Dongen

van-Eck-carrosserie-embleemIn 1912 start Johannes van Eck een carrosseriebedrijf aan de Kortenhoevenseweg in Lexmond. Hij begint met het maken van boerengereedschappen zoals kruiwagens, melkkrukken, houten cabines en opbouwwagens. Vanaf 1932 ruilen Johannes van Eck en één van zijn vier zonen de boerenwagens in voor cabines en laadbakken op A en T Fords.

Na een brand in 1961 verhuist de fabriek naar de overkant van de Kortenhoevenseweg. Daar wordt in 1966 het koeltechnisch gedeelte toegevoegd, Transfrigo BV. Vervolgens wordt in 1986 in Beesd een brandweerwagenfabriek, aan de Oude Waag 24, aangekocht. De fabriek in Dongen wordt opgeheven en het personeel van Dongen verhuist mee naar Beesd. Daar legt Van Eck zich toe op de productie van opleggers en aanhangwagens.

A. Bikkers & Zoon, Rotterdam

N.V. Brandspuitenfabriek v/h A. Bikkers & Zoon te Rotterdam

Bikkers bouwde enkele stoomvoertuigen voor het reinigen van rioolputten reclamezuilen enz.

bikkers

J. Geesink & Zonen, Weesp

Fabriek voor Wagenbouw, IJzerconstuctie en Brandweermaterieel v.h. J. Geesink & Zonen te Weesp

geesink-magirus
Grondlegger van de "Rijtuigenfabriek en wagenmakerij J. Geesink" te Weesp was in 1875 Jacobus Geesink jr. Hoewel de vader van Jacobus Geesink jr. een eigen wagenmakerij had in Zwolle, volgde hij zijn vader niet op in de zaak. Deze was eerder na een kennismaking met een jonge dame, welke later zijn vrouw zou worden, vertrokken naar Weesp waar hij werk vond als meesterknecht bij de "Nederlandsche Stoom- Wielen- Wagen en Rijtuig-fabriek".
In 1875 kocht zijn schoonvader voor Jacobus Geesink jr. (Koos) een pand waarin hij een eigen bedrijf kon beginnen. Deze stap was behoorlijk succesvol, en door vele opdrachten kon hij al snel uitbreiden. Naast zijn eigen zaak, stak J. Geesink ook veel energie in alle aspecten van het brand bestrijden in de stad Weesp, waarbij hij tot generale brandmeester werd benoemd.
De productie van overwegend houten rijtuigen werd steeds minder door de opkomende motorisatie en de parallel daaraan lopende metalen mechanisatie, en langzaam werd de aanwezige vakmanschap en kennis steeds meer ten behoeve van vervaardiging van brandweermaterieel omgebogen.

N.V. v/h Gebr. H. & F. Kimman, Haarlem

kimman-voorgevel
"Zorg dat je je vak verstaat en kijk goed om je heen", was de lijfspreuk van smid Jacobus Kimman. Overgrootvader Kimman was door zijn liefde voor dit vak ten voeten uit het type van de ouderwetse ambachtsman. Iemand die er plezier in had het weerspannige materiaal zijn wil op te leggen.

Nederlandsche Automobiel Maatschappij, 's Gravenhage

Nederlandsche Automobiel Maatschappij, 's-Gravenhage

Een artikel uit De Auto van juni 1915 over de "Tropical"- carrosserie op een Minerva (klik op de afbeeldingen voor een vergroting)

NAM-1915-06-1a








NAM-1915-06-2a

































NAM-1915-06-3a















nam-carrosserie-1915-1


Limousine op Minerva chassis, 1915

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

nam-carrosserie-1915-2

 

 

Johan .M. Blanker, Rotterdam

blanker-carrosserie-1930-10Johan M. Blanker, Carroserie- en Wagenbouw, Rotterdam

advertentie oktober 1930

W.M. Lutgerink, Zwolle

lutgerink-carrosserie-1930-10W.M. Lutgerink, Zwolle
Carrosseriefabriek en autobekleeding

advertentie oktober 1930

H.F. de Reus, Oss

reus-carrosserie-1930-10H.F. de Reus, Oss
Vracht- en bestelcarrosseriën, autobussen

advertentie oktober 1930

M. van der Wijngaard & Co., Woerden

wijngaard-carrosserie-1930-10M. van der Wijngaard & Co., Woerden
bedrijfs- en autobus carrosserieën

advertentie oktober 1930

Coenen, Den Haag

W.F. Coenen, Carrossier. Het bedrijf werd voornamelijk bekend door de inbouw van schuifdaken en radiateur-rolhoezen. Het Coenen Patent is later overgegaan in Hollandia Vermeulen. Tegenwoordig is Coenen een schadeherstelbedrijf.

coenen-carrossier-1
Deze en onderstaande advertenties komen uit de Autokampioen jaargang 1949

Carrosserie- en Wagenbouw Verhulst, Vlaardingen

verhulst-1Carrosserie- en Wagenbouw I.M. Verhulst te Vlaardingen

Izaäk Marinus Verhulst begon in 1919 een wagenmakerij in het Westnieuwland te Vlaardingen. De zaak ontwikkelde zich van het maken van handkarren via carriers tot het maken van carrosserieën op bedrijfsauto's. Het volledige verhaal is beschreven door de zoon van Izaäk, Kees Verhulst, in het Tijd-schrift van de Historische Vereniging Vlaardingen, uitgave juni 2002. Het artikel staat hieronder (klik op de foto's voor een vergroting).



Links de oudst bekende foto van een werkstuk uit de wagenmakerij met Izaäk Verhulst op 31-jarige leeftijd (1922)

Kuip, Wognum

Carrosserie & Wagenbouw Kuip, Wognum

In 1799 vestigt Tijmen Kuip, afkomstig uit Enkhuizen, zich als wagenmaker/herbergier te Wognum. Zijn zoon Tijmen en kleinzoon Carel zijn de opvolgers. Carel trouwt met Elizabeth Bot. Zij krijgen negen kinderen, van wie er drie in het bedrijf komen: Piet, Tijmen en Nico. Als Carel overlijdt, zet zijn weduwe het bedrijf voort onder de naam ‘Wed. C. Kuip en Zonen’. Zoon Carel vertrekt naar Hem, waar hij een carrosseriebedrijf begint, dat nog steeds bestaat.

Hover & Tiwi, Venlo-Blerick

hover-tiwi-1H. Hover begint in 1905 een rijtuig- en wagenmakerij aan de Sloterbeekstraat in Venlo, waar hij in 1913 ook begint met de bouw van carrosserieën voor automobielen. Enkele jaren later, het is dan 1921, verkoopt hij zijn fabriek aan Kusters, die in de Sloterbeekstraat de zaken voortzet als ‘Venlosche Carrosserie & Rijtuigfabriek v/h J.H. Hover’. Dat pand blijft nog enkele jaren in gebruik door Kusters maar hij verruilt samen met inmiddels compagnon Lemmens oktober 1924 voor een nieuw pand elders in Venlo. Tussen 1921 en 1924 leeft Hover waarschijnlijk van de opbrengst van de verkoop van zijn nering én van de huuropbrengsten van het pand aan de Sloterbeekstraat. Als dan de huurders Kusters & Lemmers vertrekken zit Hover met een leeg pand én zonder huurpenningen. Dan blijkt het bloed te kruipen waar het gaan kan. Hover heeft in zijn jaren als rijtuig- en carrosseriebouwer al van zijn ‘liefde’ voor het lakken van die voertuigen laten blijken. Hij besluit dan ook die oude voorliefde in zijn oude pand weer op te pakken.

J.H. Hulsman, Den Haag

Carrosserie - Fabrieken J.H. Hulsman, Den Haag

hulsman-1912-0808
advertentie augustus 1912

Jac Met, Heerhugowaard / Alkmaar

Op 19 april 1806 kocht Jacob Met een huis met erf aan de Middenweg in Heerhugowaard, waarop een Wagenmakerij gevestigd was. In de Schager Courant van 11 april 1911 adverteert Jac Met als Stoom-Rijtuigfabrikant met vestigingen in Heerhugowaard en in Alkmaar, later is hij ook carrosseriebouwer geweest en na de oorlog eerst Ford dealer en in het recente verleden Opel dealer. Het bedrijf is nog niet lang geleden door een andere Opel dealer overgenomen. Met het opruimen van de boedel kwamen fotoboeken tevoorschijn die aantoonden dat er in de twintiger jaren nogal wat carrosserieën gebouwd zijn. In mindere mate op personenauto basis maar vaker bestelwagens en bussen op T-Ford basis. Ze deinsden er niet voor terug om T-Fords ook van een nieuw chassis te voorzien met vier half elliptische bladveren in plaats van twee dwarse bladveren.

JacMet-1

Immink, Utrecht

N.V. Utrechtse Auto-Garage voorheen Anton G. Immink

File2011

 

Klik hier voor meer over Anton Immink.

 

Nillesen, Wychen

Carrosseriefabriek Gebr. Nillesen te Wychen bouwde in de periode 1923-1970 cabines, laadbakken en autobussen. Aan de hand van bewaarde foto's en een interview met de toen 86-jarige Rinus Nillesen kon nog iets over de historie van dit bedrijf worden achterhaald (interview van Eduard Hattuma uit december 1993)
nillesen-1


































Nederlandsche Carrosseriefabrieken, Voorschoten

De Nederlandsche Carrosseriefabrieken waren gevestigd aan de Voorstraat in Voorschoten, maar het bedrijf gebruikte ook de oude remise van de stoomtram aan de Wijngaardenlaan, ook in Voorschoten. Het pand in de Voorstraat was eerder van een zadelmaker.

Carrosserie-Voorschoten-1922-0331Advertentie 1922

Kuiper, Balk 1763-heden

In het Friese Balk staat de voormalige werkplaats van carrosseriebouwer Kuiper. Een wel zeer oude firma die nog steeds bestaat

kuiper-balk-gevel-werkplaats

Klik hier voor meer foto's

Kraan & Steggerda, Hilversum

 Over Rijtuigfabriek Kraan & Steggerda is alleen bekend dat ze de grotere carrosserieën maakten voor Simplex.

 kraan-en-steggerda

 

Jansen, Wesepe

Grondlegger Reint Jansen begon in 1936 met het bouwen van houten wagens. Geleidelijk kwam er steeds meer carrosseriewerk bij zoals het ontwerpen en bouwen van vrachtwagen cabines, verhuiswagens, veewagens en open laadbakken. Tegenwoordig ook uitgebreid met veel nieuwbouw op oldtimer chassis.

carrosserie-jansenCarrosseriebouwer Gerrit Jansen met een zelfgemaakte creatie op een Austin chassis

website http://www.carrosseriebouwjansen.nl/

Lamboo, Zoetermeer

lamboo-2Lamboo Carrosserie is opgericht in 1957 door Joost Lamboo, zoon en kleinzoon van carrosseriebouwers. Het bedrijf was eerst gevestigd in Pijnacker en Zevenhuizen om uiteindelijk in Zoetermeer terecht te komen. (Foto van website Lamboo)

N.V. Carrosserie Roset, Bergen op Zoom

Roset-1
Carrosserie Roset was zeer bekend in Bergen op Zoom en heeft ook landelijk een grote naam verworven. Cornelis Gerardus Roset begint omstreeks 1900 in Roosendaal een wagenmakerij, waar kruiwagens en melkkarren worden gemaakt. Met deze zaak kan hij een behoorlijke boterham verdienen. In 1931 komt hij echter te overlijden en laat hij een weduwe met zes zonen achter. Het bedrijf wordt voortgezet door drie van hen; de carrosseriemakers A.P. (Antonius), P.A. (Petrus) en J.W. (Johannes) Roset. In 1936 verhuist de weduwe Roset met haar kinderen naar de Wassenaarstraat 44 in Bergen op Zoom. Dit is het pand waarin Antonius Demmers in 1897 een wagenmakerij is begonnen en waar P.J. Havermans in 1932 een elektrische carrosseriefabriek vestigt. Vermoedelijk komen de gebroeders Roset eerst in dienst bij Havermans en besluiten zij later voor zichzelf te gaan beginnen.

Roos, 's-Gravenhage

Christianus Albertus Roos werd geboren op 22 april 1896. Hij opende op 1 juli 1927 zijn bedrijf aan de Casuarisstraat in Den Haag, onder de naam ’s‐Gravenhaagsche Fabriek van Carrosseriebewerking. Begin jaren dertig verhuisde hij naar de Pletterijkade nummer 8. Hij hield zich voornamelijk bezig met de opbouw van bestelauto’s en het bouwen van aanhangwagens.

roos-carrosserie-1949Advertentie 1949

Pennock, Den Haag

Pennock was een Nederlandse carrosseriebouwer uit Den Haag (van 1900 tot 1953). De fabriek was gevestigd aan het Bleijenburg en later aan de Binckhorstlaan en nog later aan de Weteringkade.

pennock-1909advertentie 1909

Kusters, Venlo

In 1940 wordt carrosseriefabriek van Kusters & Lemmens gesplitst. Lemmens gaat in Eindhoven verder, zijn inmiddels ex compagnon doet hetzelfde, maar dan in Venlo als Venlose Carrosseriefabriek W. Kusters. De fabriek van Willem Kusters aan de Sinselveldstraat in Venlo wordt verwoest tijdens de Tweede Wereldoorlog en daarna weer opgebouwd. Willem Kusters moet in 1945 dus opnieuw beginnen, in een tijd waarin staal en chassis lastig verkrijgbaar zijn. Een oplossing wordt het optuigen van oude legervoertuigen, zoals wel meer carrosseriefabrieken doen. Ook gaat Kusters bijvoorbeeld aan de slag voor de vervoerders van mijnwerkers. Door de sluiting van de mijnen verdwijnen ook de autobussen daarvoor. Willem Kusters’ zonen André en Martin richten zich daarna, samen met inmiddels mede-eigenaar Huub Verdonck, op het ombouwen van allerlei soorten voertuigen. Specialiteit is het ombouwen van minibussen. In 1965 komt er ook autoschadeherstel erbij. In 1995 wordt Kusters onderdeel van de Berkhof Jonckheere Groep die vervolgens in 1998 wordt overgenomen door de VDL Groep. In 2010 verdwijnt daarna de merknaam Kusters.

Bron: Paul Vlemmings, artikel in het Conam Bulletin, 2020/3

kusters 19400301advertentie maart 1940

  • galerij: