Fabrikanten (beschrijvingen)

Goggo Special

Goggo special Wouter de VriesWouter de Vries uit Groningen ontwierp en construeerde in 1962 op basis van een Goggomobiel zijn eigen special.

Brinkman Fulmine

Volvo eigenbouw 19730427 1
Volgens een artikel in De Telegraaf van 27 april 1973 werkte de heer R.H.N. Brinkman uit Avenhorn vier jaar aan een eigenbouw, die hij ‘Fulmine’ (bliksemschicht) noemde. Zelf ontwierp hij het buizenchassis en een carrosserie van kunststof. De mechanische onderdelen zijn afkomstig van een Volvo 122S. Lees hier het hele artikel.

fulmine volvo carrosserie
foto links: de kunststof carrosserie



De RDW heeft voor de auto een kenteken afgegeven: 77-AR-47, merk Brinkman eigenbouw, type "Fulmine", met als bijgeschreven vermelding dat deze auto deels is samengesteld met al bestaande onderdelen. Dhr. Brinkman heeft de auto slechts 1 jaar gehad, omdat tijdens een elektrische storing de auto volledig is verbrand en moest worden gesloopt. Ondanks de korte duur heeft hij er veel plezier mee beleefd.

Fama, Utrecht

De firma Willem Gerth & Zonen, rijwielgrossier in Utrecht van 1890 tot 1956, begon rond 1936 met de productie van lichte motorfietsen. Deze motorrijwielen werden verkocht onder dezelfde naam als de fietsen die de firma maakte: Fama, vernoemd naar de Romeinse godin van de roem.

Fama 19360321 gerth
advertentie maart 1936














Fama gerth rijwielnet
Waarschijnlijk werden de frames (“dubbel”) van de motorfietsen net als bij de rijwielen elders gemaakt. De “brommers”, zoals deze lichte motoren in 1936 al werden genoemd, waren voorzien van 98cc Sachs en Villiers motoren. Verder beschikten de machines over een draaibaar gashandel handvat en voetschakeling. De Fama “personele belastingvrije” (want lichter dan 60 kilo) motoren werden door verschillende handelaren in ons land verkocht.














bron afbeelding links: rijwielnet.nl




zundapp 19390000 gerth
Gerth & Zonen was ook enkele jaren importeur van Zündapp motorfietsen (1938 -1940)

advertentie 1939


















De Tweede Wereldoorlog en mogelijk ook tegenvallende verkopen maakten aan het motorfietsen-uitstapje van de firma Gerth een einde. Na die oorlog werd de zaak nog enkele jaren voortgezet, maar in 1956 viel het doek.

tekst: Paul Vlemmings

Bronnen:
Rijwiel.net
Delpher.nl
Hetutrechtsarchief.nl

Hoek, Schiedam

Machinefabriek W.A. Hoek, Schiedam

Willem Adriaan Hoek, grondlegger van de Machine- en Zuurstoffabriek W. A. Hoek N.V. te Schiedam, werd op 14 september 1870 geboren te Goes. Hij behaalde in Bingen (Dld.) zijn ingenieursdiploma en vestigde zich op 32-jarige leeftijd in Rotterdam.

hoek schiedam 2Hier construeerde hij in 1907 een stoomvrachtwagen en dat betekende tevens de grondslag voor het bedrijf. Deze stoomvrachtwagen, zijn eerste uitvinding, had als bijzonderheid een stoomketeltje van kleine afmeting en gering gewicht, maar met een groot verwarmend oppervlak en een buitengewoon snelle stoomontwikkeling als gevolg van de geringe waterinhoud en zeer sterke circulatie. Een en ander was eenvoudig te demonteren en kon als een soort vulkachel vanaf de bestuurderszitplaats met cokes worden gevuld.

Ook de stoomproductie kon door de bestuurder met een eenvoudige voetbeweging geregeld worden. De horizontale compound-stoommachine ontwikkelde maximaal 40 pk. en de stoomdruk bedroeg 11 kg./cm2. Door de afgewerkte stoom te verhitten produceerde deze machine nagenoeg geen stoom en rookwolken en men kon met voldoende voorraad cokes aan boord en een volle watertank met deze wagen 6 uur lang vol belast rijden. Uit een bericht in de Nieuwe Rotterdamse Courant van 15 augustus 1907 (zie hieronder) blijkt dat ook toen reeds aandacht werd geschonken aan het milieu. Vermeld wordt namelijk dat door de afgewerkte stoom te verhitten bereikt werd, dat “stoom en rook nagenoeg onzichtbaar zijn”.

Lees meer: Hoek, Schiedam

Larkens, Bierum

larkens bierum 6
In het Groningse Bierum bouwden de gebroeders Larkens kort na de Tweede Wereldoorlog een eenpersoons wagentje dat niet had misstaan in de Formule Drie van die dagen. Een artikel in Autosport van november 1949 maakte melding van een racer waarvan bij voldoende belangstelling een kleine serie opgezet zou worden. Mocht het zover komen, dan kon de oorspronkelijke 500 cc motor met zijklep worden vervangen door de motor van een JAP. Later in dat jaar meldde Autosport echter dat het niet de bedoeling was een racer te bouwen.
De keurig uitgevoerde monoposto had een stevig buizenchassis, onafhankelijke vering met dwarse bladveren, telescopische schokbrekers en een tandheugelbesturing van eigen makelij. Er werd een groot aantal onderdelen van de Fiat Topolino gebruikt, zoals wielen, wielophanging, remtrommels, bladveren en stuurwiel.

Lees meer: Larkens, Bierum

Beckmann Cars Nederland, Son

Beckmann Zandvoort 1968
Juli 1968 verschijnen in enkele media berichten over de oprichting van automobielfabriek Beckmann Cars Nederland in Son (bij Eindhoven). Ir. Ottmar J.H. Beckmann is een vijftigjarige Zweeds motor-technisch ingenieur van Duitse afkomst. Hij woont met vrouw en twee pleegkinderen in Stockholm en spreekt vloeiend Nederlands Tijdens zijn opleiding in Berlijn loopt hij in 1936 stage bij Kromhout in Nederland, waar hij meewerkt aan het jacht, de Neerlandia II, voor toenmalig premier Colijn. Daarna werkt hij bij Volkswagen, Mercedes, Borgward en het Britse I.T.T.
In 1965 begint hij met zijn plannen voor een eigen auto-ontwerp. Hij bouwt enkele formule -3 racewagens waarbij hij gebruik maakt van kunststof hardpolymeer van Bayer in Leverküsen. Blijkbaar met succes; Bayer steunt hem financieel bij het oprichten van zijn eigen automobielfabriek.

Lees meer: Beckmann Cars Nederland, Son

Carr Sport, Alkmaar

carr sport
De Carr Sport uit 1947 lijkt op een combinatie van de kart en de vleugeltip van een vliegtuig. Om tot dit resultaat te komen vervaardigde de toen jeugdige Alkmaarder P. Kerssemakers een chassis van naadloze buis en een aluminium carrosserie. Voor de aandrijving zorgde een luchtgekoelde 98 cc tweetakt Sachs-motorfietsmotor met twee versnellingen. Het slechts 65 kilo wegende voertuig had zeer kleine wieltjes en een wielbasis van l ,75 meter bij een totale lengte van 3,75 meter. Het zou naar verluidt prima hebben gefunctioneerd.

Lees meer: Carr Sport, Alkmaar

HNG, Den Haag

Handelsmaatschappij Hart Nibbrig & Greeve aan de Parkstraat in Den Haag was aanvankelijk in hoofdzaak importeur van auto’s en motoren. In 1948 toen de vraag naar auto’s groot was en het aanbod uit het buitenland klein, zag Greeve kansen voor een eigen autoproductie. Hij koos voor een variant van de IFA-Zwickau tweetakt, de latere Trabant. Een financiële injectie van de Handelsbank maakte het mogelijk enkele ingenieurs over te laten komen uit Chemnitz met in hun koffer tekeningen van een op de DKW geïnspireerde auto. Aan de hand daarvan werd een schaalmodel gemaakt. Hierna bouwde de firma Pennock aan de Binckhorstlaan in Den Haag een chassis dat werd voltooid onder leiding van Rinus Bruijnzeel, die chef was van de werkplaats van HNG. Toen duidelijk werd dat het verder ontwikkelen en opzetten van een productielijn veel meer geld ging kosten dan aanvankelijk was begroot, trok de Handelsbank zich terug. Uiteindelijk werd er slechts één auto geproduceerd, waar Rinus Bruijnzeel nog jaren mee heeft gereden.

Bron: Lammerse, Jan: Autodesign in Nederland. Uitgeverij Waanders, 1993

8 maart 2017: Jan van der Lit maakt deel uit de projectgroep die bezig is met de voorbereidingen voor een vervolg op het boek “Autodesign in Nederland”. Hij is op zoek naar fotomateriaal van deze HNG auto. Wie kan hierbij helpen?

N.V. Allan & Co., Rotterdam

Allan, Rotterdam - Koninklijke Nederlandsche Fabrieken van Meubelen en Spoorwegmaterieel

allan 19500205

 

advertentie februari 1950

Willem de Koff

Eerste Amsterdamsche Banden-, Rijwielen- en Motorrijwielenfabriek

Brillant

In het Paleis voor Volksvlijt in Amsterdam komen we op de RAI tentoonstelling van februari 1904 De Eerste Amsterdamsche Banden-, Rijwielen- en Motorrijwielenfabriek van Willem de Koff voor de eerste keer tegen. De Koff presenteert daar naast Baden, Badania en Brillant rijwielen ook 3 p.k. motorrijwielen. Het merk van deze motorfietsen wordt echter niet gemeld.

Brillant 19040219 koff

Telegraaf 19 februari 1904

Lees meer: Willem de Koff

Helder, Rotterdam

helder img246

In 1955 bedacht de heer Nan Helder uit Rotterdam: “Ik heb al lang zin in een klein sportwagentje, liefst in Italiaanse stijl, maar dat is me veel te duur.” En dus dacht hij: “Waarom zou ik zelf zo’n ding niet maken?”
En zo begon Nan Helder, in het dagelijks leven luidsprekerspecialist, met de bouw van een eigen sportwagen. De basis voor zijn eigenbouw was een tweecilinder DKW F7 uit 1938. Hij sloopte de DKW tot er niets meer van over was dan de motor en de middenbalk. In een schuurtje achter in de tuin van zijn woning aan de Schieweg 225 voorzag hij, met hulp van carrosseriebouwer Jan Bouwhuis en de 21-jarige lasser Wim Brouwer, het kale chassis van een geheel vlakke bodem en een modern gelijnde aluminium carrosserie.

Na anderhalf jaar sleutelen kwam de sportauto van Nan Helder op de weg. De auto heeft dan het kenteken NG-11-36. Het Vrije Volk van 9 oktober 1956 schreef daar onder andere over:
Daar zijn heel wat uren inspannende arbeid in gaan zitten, zoveel uren dat de heer Helder, als hij het normale arbeidsloon en de bijkomende sociale lasten had moeten betalen, voor hetzelfde geld in een dure Rolls Royce had kunnen rijden...
Maar nu het karwei klaar is, mag het resultaat gezien worden en hebben zelfs de deskundigen alle reden er hun petje voor af te nemen. Vanmorgen vroeg was de laatste fase bereikt. Vanuit de tuin werd de nieuwe sportauto over een stel planken dwars door de woning gerold en zo verscheen het voertuig dan op straat, met grote belangstelling begroet door een hele schare meelevende buurtbewoners. De dag van vandaag zal wel heengaan met het afstellen; de proefrit is voorlopig op morgen bepaald.

 

helder DKW sportauto

 

Door het raam de straat op ... Op Schieweg groeide sportauto in schuur

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

helder Vrije Volk 1961

 

Hoe vaak en hoeveel Helder met zijn eigenbouw heeft gereden is niet bekend. In 1961 biedt hij zijn DKW Sport aan in ruil voor een lelijk eendje.

 

 

 

 

In 1969 wordt met de auto geadverteerd door het Rotterdamse autobedrijf DE SINGEL, Lepelaarsingel 141 c., Tel. 174116. De prijs was “inclusief BTW en 3 maanden of 10.000 km schr. gar.” Bovendien was inruil en gehele financiering mogelijk (in één uur gereed). Het bedrijf was voorzien van een “Eigen werkplaats, monteur aanwezig.” De (rubrieks) advertenties stonden met onderstaande omschrijving van de DKW in Het Vrije Volk van:


29 januari - DKW Sport 1938, met verz. open dak ƒ 950,-
3 februari - Uniek in Ned. DKW Sport 1938, met verz., open dak, ƒ750,-.
19 februari - DKW Sport 1938 zeer apart, open dak, ƒ 750,-
27 februari - DKW Sport 1938 open kap - ƒ 675,-
5 maart - DKW Sport 1938 open kap - ƒ 675,-

In het boek ‘Autodesign in Nederland’ schrijft Jan Lammerse dat in januari 1981 de toenmalige eigenaar de tweezttter in Het Automobiel te koop aanbiedt, zonder te weten om welk historisch object het gaat. Deze advertentie is helaas niet in dat nummer terug te vinden. De koper heeft de eigenbouw van Helder gesloopt om het chassis te benutten, waarna slechts de grille en voorruitomlijsting zijn overgebleven. In een artikel in het DKW clubblad ‘Dat Kleine Wonder’ is de NG-11-36 op een foto te zien, maar dan als een normale DKW F7 cabriolet, waarschijnlijk is hij ‘terug verbouwd’.

Bronnen:
Lammerse, Jan: Autodesign in Nederland. Uitgeverij Waanders, 1993
Artikel in Het Vrije Volk van 9 oktober 1956
Jac. Stienstra, Beetsterzwaag
Eduard Hattuma, Amsterdam

Roles, Nijmegen

In 1978 begonnen Roel Nannings en Lesley Skinner een garage- annex carrosseriebedrijf in Nijmegen, gespecialiseerd in restauraties van oldtimers. In 1987 begonnen zij aan de ontwikkeling van een eigen automerk onder de naam Roles. Deze naam is een samenvoeging van Roel en Lesley.

In het voorjaar van 1990 presenteerden ze in het t.v.-programma De Hoogste Versnelling een roadster, de Roles XS-3. De basis van de auto vormde een van doosprofielen en plaatstukken gelast chassis, met mechanische componenten van een Mini en een polyester cabrioletcarrosserie die veel leek op een Volkswagen Golf in het klein. Het was een stadsautootje, voor een modaal gezinnetje, dat een op vijftien reed en licht en wendbaar was. Het mat ongeveer 3,5 meter en woog 680 kilo. De topsnelheid van het model lag op 145 kilometer.

Op hetzelfde, goedgekeurde chassis werd een tweede auto ontworpen, de Cityhopper. Het was een open jeepje dat veel weg had van een Mini-Moke, maar de techniek van Fiat bezat.
Veel auto’s werden er niet gebouwd. Bij de nacalculatie van de projecten bleek dat een verkoopprijs gevraagd moest worden die alles behalve concurrerend was, zodat men besloot het project voorlopig in de ijskast te zetten. Daarna was er nog sprake van een elektrisch aangedreven variant, maar verder is hier niets van bekend. Het autobedrijf bestaat nog, maar Skinner is kennelijk niet meer betrokken in de firma.

Bronnen:
Lammerse, Jan: Autodesign in Nederland. Uitgeverij Waanders, 1993
www.dauto.nl
artikel in NRC d.d. 6 april 1990

Van der Berg, Oudeschoot

Van der Berg oudeschoot

Carrosserie, uitdeukinrichting en plaatwerkerij firma Gebr. Van der Berg aan de Stationsweg te Oudeschoot (bij Heerenveen) heeft in 1953 een invalidenwagen geconstrueerd. Van der Berg heeft in acht maanden tijd, hoofdzakelijk in zijn vrije uren, een driewielig autootje gemaakt, dat 430 kg woog. De carrosserie werd geheel in aluminium uitgevoerd en door autospuiterij J. Veldman te Heerenveen kersenkleurig gespoten.

Via een luikje een bougie vervangen

Bijzonder aan de opdracht was dat de opdrachtgever, de heer R. van der Wal te Jubbega, niet over het gebruik van zijn benen kon beschikken: rem‑, gas‑ en koppelingspedaal bediende Van der Wal met zijn linkerhand. Om die reden was het stuur rechts geconstrueerd. De Friese Koerier schrijft op 25 april 1953: "Mocht de heer Van der Wal tijdens de rit last krijgen van een vette bougie, dan kan hij deze zonder zijn plaats te verlaten, met zijn linkerhand verwisselen. De motor is namelijk zodanig gebouwd, dat de bestuurder gemakkelijk via een luikje tussen beide zitplaatsen een bougie zal kunnen vervangen."

Wie weet meer?

Het autootje bood plaats aan twee personen en zou volgens de krant gebouwd zijn op een J.L.O.‑chassis met een 147 cc motor. Vergist de krant zich en is de motor (en niet het chassis) van JLO? We willen deze eigenbouw graag met zoveel mogelijk informatie en foto's in de eigenbouw/speciallijst opnemen. Wie weet er meer van? Bestaat het autootje nog?

Fotobijschrift van de Friese Koerier uit 1953: "De invaliden‑auto voor de heer R. van der Wal te Jubbega. Links van de zitplaats van de bestuurder de debrayatie, het gas en de rem. Het stuur is rechts geconstrueerd."

 

27 juni 2016: Jac. Stienstra vond in de Friese Koerier van 2 augustus 1957 deze kleine advertentie in de rubriek “Te Koop”: INVALIDENAUTO, met kentekenbew. enz. R. v. d. Wal, Jubbega 453.

Ton, Utrecht

panhard special ton 1

Wil Ton uit Utrecht deed begin jaren vijftig een opleiding als plaatwerker en volgde daarna een werkjaar bij de fabriek van Panhard in Frankrijk. In de werkplaats van Panhard werkte hij vooral aan de bouw van racewagens van dit merk. Terug in Nederland liet het idee van een racewagen hem niet los. In het garagepand van zijn vader was alles beschikbaar, naast gereedschap ook voldoende om carrosserieën te maken. Er was ook genoeg ruimte om zelf een kleine tweezitter te bouwen. Medio jaren '50 is het zover. Met als basis een Panhard Dyna uit 1950 bouwde Wil de carrosserie zelf. Een test moest uitwijzen of er in geracet mocht worden, de 2-cilinder motor bleeks geen belemmering. Wil kreeg in 1955 de goedkeuring van de Rijksdienst voor het Wegverkeer op de zelf gebouwde 'racewagen'. Een reis naar Italië volgde(foto links).

Lees meer: Ton, Utrecht

Vribron, Dokkum

vribon 3

Bericht uit Het Nieuwsblad van Friesland, 9 augustus 1950:

Twee smeden te Dokkum, werkzaam in de smederij Bontekoe, nl. de heren E. de Vries en L. Bontekoe, hebben sinds eind October van het vorig jaar hun vrije tijd besteed aan het fabriceren van een auto, waaraan ze het merk “Vribon” hebben gegeven. De N. Dock. Cour. meldt hierover: “De Vribon is een heuse auto, van alle moderne snufjes voorzien. De motor zit achterin. De wagen heeft van achteren slechts één wiel. Het model is vlot en de afwerking is zeer fraai. De beide ondernemende smeden hebben zonder tekeningen of hulp van anderen de wagen kant en klaar gekregen”.

Lees meer: Vribron, Dokkum

Hoen, Gorredijk

In 1956 bouwde Hans Hoen uit Gorredijk een kleine driewieler.

hoen B 30488 1

Op 7 augustus 1956 schreef de Friese Koerier hierover:

H. Hoen, Gorredijk, maakte zélf een auto
(Van een onzer verslaggevers)
GORREDIJK — ln precies twee jaar tijd heeft de heer H. Hoen, in Gorredijk, in een schuurtje achter zijn huis een autootje gemaakt, waar hij, zijn vrouw en de beide — nog kleine — kinderen precies in kunnen. Het is een aardig, klein wagentje op drie wielen, dat de heer Hoen eigenhandig in elkaar heeft gezet.

Het is gemaakt van aluminiumplaat van ongeveer 1½ mm dikte; er zit een 200 cc tweetakt Sachs motor in en een versnellingsbak uit een motorbakfiets, met drie versnellingen voor- en één achteruit. Verder is de auto precies als een fabriekswagen, met alle pedalen voorin. Alleen gaat het starten door middel van een handle, maar die kan de bestuurder ook van zijn plaats af bedienen. De verlichting geschiedt door een dynamo met een accu. De topsnelheid is ongeveer 60 km en het benzineverbruik ca 1 op 25. Voorin zijn twee zitplaatsen en achterin nog een, waar de beide kinderen nu nog precies in passen Hoe dat later moet ziet de heer Hoen dan wel weer; hij is nu al blij genoeg dat zijn werkstuk na twee jaar klaar gekomen is.
Wie het laatst lacht....

Hij was trouwens geen beginneling op het gebied van auto's en motoren. In de eerste plaats is hij plaatwerker en lasser bij Volma, waardoor hij al verstand heeft van metaalbewerking en in de tweede plaats heeft hij vroeger voor zijn broer eens een heel nieuwe carrosserie gebouwd op een afgekeurde D.K.W., waarmee zijn broer nog vier jaar melk heeft gevent. Zelf had hij enkele jaren daarna een tweedehands Fiatje gekocht en weer helemaal bruikbaar gemaakt. Twee jaar geleden was dat echter totaal af en na het verkocht te hebben, vatte de heer Hoen het plan op zelf een nieuwe wagen in elkaar te zetten.

Twee jaar lang heeft hij het grootste deel van zijn vrije tijd in het schuurtje achter zijn huis doorgebracht met passen en meten en construeren. Uiteraard bestond er bij collega's en buren grote belangstelling voor dit werkstuk en er zullen er misschien ook wel bij geweest zijn, die een zwaar hoofd hadden in de gelukkige afloop van dit experiment. Maar de heer Hoen lacht het laatst..

Vijf weken geleden hebben zijn vrouw en hij de eerste proefrit gemaakt met de wagen en verschenen vrijdag is het laatste streekje lak er op gekomen. Het is een enorm werk geweest om deze met-de-hand-gemaakte auto klaar te krijgen, maar het resultaat van het werk rijdt trots langs 's heren wegen.

hoen B 30488 2

Bron foto’s:
Tresoar
Friese Koerier
Feike Damstra, Snits

Cyrus - J. Franssen en Zonen, Venlo

Cyrus franssen

Cyrus is een historisch Nederlands merk van fietsen, bromfietsen en lichte motorfietsen die werden geproduceerd in de NV Rijwiel- en motorrijwielenfabriek Cyrus, Venlo. Jacques Franssen produceerde vanaf ca. 1884 rijwielen in Tegelen, maar rond 1898 verhuisde zijn bedrijf naar Venlo. Vanaf 1913 kwamen zijn zonen Pierre en Willy in het bedrijf. Er werden toen Cyrus-, Valuas- en Excellent-fietsen geproduceerd. In 1921 bouwde Franssen een prototype van een gemotoriseerde fiets met een Snob-viertaktmotor, maar pas in de jaren dertig ging Cyrus ook lichte (onder de zestig-) motorfietsjes en fietsen met hulpmotor maken. Deze fietsen met hulpmotor zouden eigenlijk steeds in het programma blijven.

Rond 1955 maakte men ook scooters met 100- en 150 cc Sachs-blokken. Vanaf die tijd kwamen er ook echte brommers die nog even voorzien werden van Victoria-blokken die al snel werden vervangen door Zündapp- en Sachs-exemplaren.

Rond 1955 was er sprake van dat Franssen en Zonen de Duitse Kroboth in licentie zou gaan bouwen. De Kroboth was een driewielige scooter aangedreven door een 197cc ILO-motor. Door het faillissement van Kroboth kwam dit project niet van de grond.

In 1961 ging Cyrus samenwerken met Empo uit Vorden, om daardoor wat meer marktaandeel in het Noorden van het land te krijgen. Cyrus-modellen kregen zodoende Empo-stickers. Midden jaren zestig leverde Cyrus 50- 80- en 100 cc-modellen die vooral goed verkocht werden in de Verenigde Staten, Canada en Syrië. Mede door het faillissement van Empo in 1970 sloot ook Cyrus in 1971 de poorten.

Bron:

Wikipedia

Ben van Helden

 

Electrotax

Electrotax 1941 09 13 iam

Halverwege 1941 startte men bij de Internationale Automobiel Maatschappij met het Electrotax-project. De Electrotax was een driewielige ‘carrier’ met het uiterlijk van een gesloten motorbakfiets. Een twee-persoonscabine zat op de plaats van de laadbak en de bestuurder zat erachter. De carrosserie werd gebouwd door Verheul uit Waddinxveen. Het wagentje werd voortbewogen door een elektromotor op het achterwiel en kon ongeveer 70 kilometer aan één stuk rijden. De topsnelheid was ongeveer 20 km. De accu’s zaten onder de bank voor de passagiers.

Lees meer: Electrotax

Specker-Steeman

Specker Steeman A 679 1

Een eigenbouw gemaakt door de heren Specker en Steeman. Specker was afkomstig uit Duitsland en begon in Musselkanaal (Groningen) een fietsen-herstel bedrijf en fietsenfabriek. Hij trouwde met een meisje Steeman uit Musselkanaal, waarvan de vader koperslager was. Waarschijnlijk hebben Specker en Steeman als goede vaklieden rond 1910 (?) de auto gebouwd. Hoogstwaarschijnlijk heeft Steeman als koperslager de radiateur gemaakt, maar de auto zelf lijkt veel op een bestaand model (Eysink?).
Het kenteken A-679 werd op 11 januari 1911 afgegeven aan Jhr. Willem Alberda van Ekenstein, die dierenarts was in Ter Apel. Dhr. Specker overleed in 1918 aan de Spaanse griep en daardoor stopte ook zijn bedrijf.

(klik hier voor een grotere foto)

Bronnen:
Info van dhr. J. Pekelaer
Gronings Archief.

 

Vulkaan, Venray

Vulkaan Motorrijwielfabriek, Gebr. Fonck, Hofstraat 6 te Venray (1911-1916).

vulkaan 1912 04 04 vulkaan

advertentie april 1912

In 1909 neemt Jacques Fonck de fabriek en reparatiewerkplaats van fietsen en metaalwaren over van zijn vader, Jan Fonck. In de fabriek worden fietsen gemaakt onder de merknaam Vulkaan. Voorjaar 1911 ontwerpt Jacques een motorfietsframe rond een bestaand motorblok (Terrot uit Pontarlier Frankrijk, maar gemaakt door Zédel) en start de bouw van de eerste Vulkaan motorfiets. Ook de volgende modellen krijgen Franse Zédel-motoren, waaronder een eencilinderzijklepper van 298 cc. In 1913 volgt een Vulkaan van een zwaarder model, een V-twin.

Lees meer: Vulkaan, Venray

Sparta, Apeldoorn

In 1917 werd de firma Verbeek & Schakel opgericht door de heren A. Verbeek, D.L. Schakel en L. Krijgsman als handelsbedrijf in fiets- en rijwielonderdelen. De firma werd gevestigd aan de Hoofdstraat in Apeldoorn. Een maand na de oprichting werd de fietsmerknaam Sparta overgenomen, waarna Verbeek & Schakel aangekochte fietsen onder die naam doorverkocht.

De eerste zelfvervaardigde fiets kwam in 1920 en in de volgende jaren kwam daar ook de vervaardiging van (aanvankelijk ongemotoriseerde) bakfietsen bij. Schakel werd, nadat hij zijn vennoten had uitgekocht, in 1925 directeur van het bedrijf. Vanwege de toenemende vraag liet hij in 1927 een nieuwe fabriek bouwen bij de villa Driehuizen in Apeldoorn en Sparta zou hier uiteindelijk ongeveer 75 jaar gehuisvest blijven. In 1928 werkte Sparta met 55 werknemers in de nieuwe fabriek.

Vanaf 1931 startte de technisch vernuftige Schakel ook met de fabricage van motorfietsen, die goed werden verkocht in Nederland. Het eerste model motorfiets had een tweetakt 74 cc Sachs-motorblok. De firma was inmiddels hernoemd tot Sparta Rijwielen- en Motorenfabriek, Firma Verbeek & Schakel.

Sparta 1939 07 02 sparta

 

 

advertentie juli 1939

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Tweede Wereldoorlog had de Sparta fabriek stilgelegd en deze moest weer opnieuw worden opgestart. In de jaren erna zou Sparta, hernoemd naar de Sparta Rijwielen- en Motorenfabriek BV, uitgroeien tot een vooraanstaand producent van al dan niet gemotoriseerde tweewielers. In deze jaren werd Sparta de grootste motorfietsfabrikant van Nederland. In de hele motorfietsgeschiedenis bouwde Sparta motorfietsen met tweetakt inbouwmotoren van onder meer ILO, Sachs, Villiers en Victoria.

Tekst overgenomen van Wikipedia
Zie ook: Geschiedenis Sparta Apeldoorn

 

Jonkers, Valkenswaard

Libelle-jonkers-valkenswaard


Met de Renault R4 als uitganspunt bouwde ex-motorrenner Jonkers uit Valkenswaard in 1952 een wedstrijdauto met een opgevoerde Renaultmotor. De eigengebouwde carrosserie laat zich het best omschrijven als een schelpvormige omgekeerde badkuip. De foto links toont de auto bij de benzinepompen op het Zandvoortse circuit.

(bron: Lammerse, Jan: Autodesign in Nederland, 1993)








Libelle-jansen-valkenswaard

Het Algemeen Indisch dagblad de Preangerbode schreef op 14 november 1952: "Een ondernemende constructeur uit Valkenswaard, de heer H. P. M. Jonkers, maakte in zijn vrije tijd deze sierlijke en vinnige race-auto. Hij kocht om te beginnen een autootje, zoals naast zijn schepping is afgebeeld. Hij sloopte de carrosserie en een groot deel van het chassis, fokte de motor op en bouwde daaromheen een nieuw koetswerk. Het wagentje loopt nu 132 kilometer per uur, dankzij de 49 paardekracht die hij uit het oorspronkelijke 22 paardekracht motortje haalt. Hij moet er nog een tijdje aan werken, maar volgend jaar komt de heer Jonkers met zijn „Libelle", zoals hij het wagentje heeft gedoopt, in de races uit."

Paturi Panhard, Breda

paturi panhard 1
In opdracht van Panhard werden in 1955 bij Paturi Technische Industrie NV te Breda drie speciale uitvoeringen van de Panhard Dyna gebouwd, met als doel te komen tot een kunststof sportuitvoering van dit onder andere op Le Mans succesvolle model. Het ontwerp voor de carrosserie, die van onderen vlak en volledig gesloten was, kwam van de luchtvaarttechnicus Riffard. De vorm deed denken aan de doorsnede van een vliegtuigvleugel. Met deze carrosserie, gemaakt volgens het FRP-principe (Fiberglass-Reinforced-Plastic), woog de wagen 670 kilo.
In de open uitvoering met een Panhard Sprint-motor kon een topsnelheid van 140 km/uur worden bereikt, na montage van de afneembare hardtop nam die toe tot 160 km/uur.


Bron tekst en foto's: Lammerse, Jan: Autodesign in Nederland. Uitgeverij Waanders, 1993

Lees meer: Paturi Panhard, Breda

Kuipers, Grouw

In 1950 bouwde Jan Kuipers een auto van ski's

kuipers-grouw-1

kuipers-grouw-2

Jan en Anneke Kuipers stappen op 15 december 1950 op het Master Wielsmaplein in Grou in hun zelfgebouwde zilvergrijze driewieler.

 

 

 

 

 



kuipers-grouw-3

 

 

 

 

 

Lees meer: Kuipers, Grouw

Kielstra, Drachten

kielstra 1

Garagehouder Kielstra uit Drachten bouwde tussen 1953 en 1955 een auto die zijn naam zou dragen. Hij haalde zijn onderdelen uit alle mogelijke auto's: de motor uit een Studebaker, het dashboard uit een Chevrolet, de velgen van een Renault en de assen van een Willys Jeep. Het remsysteem is gedeeltelijk afkomstig van een Opel cabriolet uit 1934, net als de vouwconstructie van de linnen kap.

Lees meer: Kielstra, Drachten

Dopper, Appingedam

dopper-1

Bij de motorenfabriek van Jan Brons in Appingedam werkte Jan Dopper als baas van de draaierij. Op zijn initiatief werd in 1903 een motorrijwiel gebouwd.

Dopper kreeg het idee om de Bronsmotor met zelfontbranding in het klein na te maken en in een versterkt rijwielframe te plaatsen. Daarvoor kreeg hij de oude fiets van Jan Brons, maar moest wel eerst de buizen van het frame volgieten met aluminium om het zaakje steviger te maken. Volgens de boeken van de fabriek kreeg hij daarna op 23 november 1903 van de fabriek een zadel, een riem en een aantal schroefjes. Het motortje was een 269 cc eencilinder dieselmotor die op gewone petroleum of gasolie liep. De machine had een vrij lange wielbasis en riemaandrijving. Enige tijd later werd ook voorop een zitplaats aangebracht.

Commerciële doelstellingen met deze motorfiets schijnen zowel Dopper als Brons niet te hebben gehad en het is dan ook bij dit ene exemplaar gebleven. De motorfiets heeft het lang uitgehouden, want op 26 juli 1907 kreeg Jan Dopper het kenteken A-370.

 

dopper-2

 

detail Brons dieselmotor

 

Bronnen:
Groninger Archieven
Gedenkboek 'Volle Kracht Vooruit' (Brons 1907-1957)

 

De V.L.A.M. of VLAM

vlam-img067

De Haagse autohandel Verwey & Lugard's Automobiel Maatschappij was een van de oudste automobiel-importeurs in Nederland, onder andere van de merken Peugeot en Fiat. In het jaar 1907 merkten zij dat er door de economische crisis in ons land nog wel behoefte bestond aan de lichte automobielen uit de eerste automobieljaren, terwijl de meeste fabrikanten dit type voertuig van het programma geschrapt hadden en zwaardere auto's waren gaan bouwen. De firma besloot toen zelf een voiturette op de markt te brengen onder de merknaam V.L.A.M., een afkorting van de firmanaam. Deze naam werd overigens al eerder gebruikt door Verwey & Lugard getuige deze foto uit 1904.
De VLAM was een voor de Nederlandse markt aangepaste Franse D.F.P. (Doriot, Flandrin et Parent), een tweepersoons, eenvoudig en onderhoudsvriendelijk wagentje met een opklapbare kap, maar nog zonder voorruit. Na enkele detailwijzigingen werd de VLAM voor het eerst op de R.A.I.-tentoonstelling van 1907 werd geëxposeerd en waar het veel bekijks trok.

Lees meer: De V.L.A.M. of VLAM

H. Landeweer, Martenshoek

harm-landeweer-A-224

Harm Landeweer, die in het Groningse Martenshoek een machinefabriek had, bouwde tussen 1902 en 1906 een auto met een 1,75 pk De Dion Bouton eencilindermotor. Het was een vierzitter waarmee de eerste rit werd gemaakt op 10 augustus 1904. Van een serie van elf ritten die gemaakt werden tussen 10 en 27 augustus 1904 werden alle gegevens, zoals snelheid, aantal passagiers, afgelegde afstand en verbruikte brandstof, nauwgezet genoteerd. Door de per automobiel afgelegde afstanden te vergelijken met die te voet, bepaalde Landeweer het nut van de auto. Hij noemde zijn auto een 'vierwielige motorfiets' (of quadrycycle?). Volgens de beschrijving had de proefauto zitzadels en woog ongeveer 220 kg.

Lees meer: H. Landeweer, Martenshoek

A.S. - Schmidt’s Automobiel- en Motoren handel

A.S.-embleem

Schmidt's Auto- en motorenhandel was sinds 1916 gevestigd in Midden-Beemster als specialist op het gebied van de vrachtauto-handel en -reparatie. Een aantal jaren later, in 1928, begon Schmidt met de import van het Amerikaanse truckmerk Republic. Dit merk werd in Nederland voornamelijk aan autobusmaatschappijen verkocht. Maarsse & Kroon kocht in 1929 een Republic bus waarop een Verheul carrosserie werd gemaakt (deze bus met chassisnummer 300340 werd in 1943 bestemd voor de sloop). De N.Z.H. kocht in december 1931 drie Republic bussen, voorzien van een carrosserie van de fa. Asjes te Alkmaar.

 

Lees meer: A.S. - Schmidt’s Automobiel- en Motoren handel

Simplex, Amsterdam

Op 5 april 1887 vond te Utrecht de oprichting plaats van de "Simplex Automatic Machine Company", met een beginkapitaal van 40.000 gulden. In een pand aan de Leidscheweg startte men onder leiding van de oprichter, de heer C. H. Bingham, met vijftien man personeel en een gasmotor om de machines aan te drijven, met de fabricage van chocolade-, eau de cologne- en andere automaten.

Charles Bingham, voormalig goederen-inspecteur van de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij, had hooggespannen verwachtingen, maar het liep niet hard met de automatenverkoop, zodat na een paar maanden al vijf man werden ontslagen. Bingham was medeoprichter van de voorloper van de ANWB en thuis in de wereld van het fietsen. Daarop besloot hij om met het overgebleven personeel onderdelen voor rijwielen te gaan maken.

simplex-Leeuwenberg

Eind 1887 werd Petrus Johanna Maria (Piet) Leeuwenberg in de directie opgenomen. In 1891 nam Leeuwenberg de leiding over, waarna Simplex zelf met de fabricage van fietsen begon. Op l augustus van dat jaar verhuisde de fabriek naar een pand aan de Amsterdamsche Straatweg, aan de rand van Utrecht. Daar had men wat meer ruimte, waardoor de productie flink kon worden opgevoerd.

Ook in datzelfde jaar nam Simplex deel aan een tentoonstelling te Scheveningen, waar op de Simplex-stand zes rijwielen werden geëxposeerd. Daarmee oogstte men zoveel succes dat gelijk de hoogste onderscheiding in de wacht werd gesleept.

Door het verkoopsucces kwamen er filialen in het gehele land en vooral toen in 1894 de technische leiding in handen kwam van ir. W.K. van Erven Dorens, werden de zaken wat meer wetenschappelijk aangepakt. Er kwamen verbeterde werkmethoden, waarna de productie snel steeg naar 1500 stuks per jaar.

Inmiddels werkten er zeventig man personeel bij Simplex. De fabriek in Utrecht werd te klein, zodat men besloot te verhuizen naar Amsterdam. Daar werd aan de Overtoom een geheel nieuw pand gebouwd van drie verdiepingen hoog, met een totale vloeroppervlakte van 1200 m2. Ook was aan het bedrijf een rijschool voor wielrijders verbonden. De naam van de fabriek werd gewijzigd in "Simplex Rijwielfabriek N.V.", de directie kwam in handen van de heer Leeuwenberg. Het kapitaal werd vergroot tot 500.000 gulden.

Lees meer: Simplex, Amsterdam

Brons, Appingedam

Brons. fabriek van scheeps- en stationaire motoren.
Jan-Brons-1

Jan Brons werd geboren op 20 januari 1865 in het Groningse dorp Wagenborgen. Hij was de zoon van een timmerman-aannemer. Jan zou ook timmerman worden, maar in het bedrijf van vader Brons werden in de rustige winterperiode een aantal dorsmachines gebouwd waarmee men tijdens het seizoen als loondorser op pad ging. Daardoor kreeg het bedrijf steeds meer het karakter van een machinefabriek. De jonge Jan hielp mee in het bedrijf en kreeg zoveel interesse in de machines dat hij besloot zelf een motor te gaan bouwen.

Zijn eerste pogingen hiertoe dateerden van omstreeks 1890. Enkele jaren later, waarschijnlijk in 1893, was de eerste krachtbron gereed. De bedoeling was dat de motor op petroleum zou lopen, maar dat lukte niet. De oorzaak bleek een verkeerde vertaling uit een Engels boek, waarbij het woord 'petrol' werd vertaald door 'petroleum'. Toch kreeg hij het voor elkaar de machine op petroleum te laten lopen.

 

Lees meer: Brons, Appingedam

Hillen, Jutphaas / Utrecht

Hillen-Renard-trein-1

Volgens het boek van Bart Heldt '80 jaar Nederlandse Automobielindustrie' heeft in de periode tussen 1911 en 1915 heeft een zekere Hillen tenminste één auto gebouwd. Nadere bijzonderheden ontbreken, maar het ligt voor de hand dat mede in verband met de oorlog van verdere plannen moest worden afgezien. Bekend is nog slechts dat de wagen in Jutphaas gebouwd werd.

Lees meer: Hillen, Jutphaas / Utrecht

Dresselhuis, Winschoten

dresselhuis

Hendrik Dresselhuis zou in Winschoten rond 1900 een auto gebouwd hebben. Er is een onduidelijke, foto bekend van een auto die aan Dresselhuis wordt toegeschreven. De auto heeft nogal wat overeenkomsten met de eerste Simplex automobielen uit die tijd. De foto toont een tweezitter met vermoedelijk de motor onder de zitbank. De sturende voorwielen hebben meezwenkende voorspatborden. De auto had draadspaakwielen met luchtbanden, die achter groot waren en aan de voorkant wat kleiner.

Bron: Lammerse, Jan: Autodesign in Nederland. Uitgeverij Waanders, 1993, ISBN 90.6630.372.7
Foto: Nieuwsblad van het Noorden 10 november 1976

 

Altena, Haarlem

Auto's, Motorfietsen en Vliegtuigen

Anton van Altena wordt geboren in 1873 in Leusden. Na zijn HBS-tijd wordt hij molenaar, maar vertrekt in september 1896 naar Voorburg, bij Den Haag, waar hij als volontair-draaier gaat werken bij een rijwielzaak. Een goede vriend van Anton is August Eysink, die getrouwd is met de zuster van Anton, Gosina (Sientje). Eysink en Altena houden elkaar op de hoogte van alles wat met fietsen te maken heeft. In mei 1897 gaat Anton naar Wimborne in Engeland, waar hij als "volleerd rijwielreparateur" werkt.

Na een paar jaar komt hij terug naar Nederland, waar hij wordt aangenomen als monteur in het autobedrijf van Aertnijs in Nijmegen. Dat duurt niet lang. Altena vertrekt naar Parijs waar hij een baan krijgt bij het "Entrepot Générale des Automobiles" in de "Avenue de la Grande Armée".

In maart 1900 keert Anton terug uit Parijs en vestigt zich in Haarlem. Aanvankelijk is hij daar handelaar in tweedehands auto's, noemt zich dan al 'fabrikant van automobielen", maar dat woord heeft in die tijd ook nog een "ambachtelijke" betekenis. Als autohandelaar en -reparateur krijgt hij op 2 november 1900 Rijksnummer 305 toegewezen voor een voertuig met de afmetingen 2.00 x 1.27.

Lees meer: Altena, Haarlem

Rademaker, Groningen

Rond het jaar 1900 bouwde Pieter Rademaker uit Groningen een aantal automobielen. Hij was rijtuigmaker van beroep en had een werkplaats aan de Muurstraat, waar hij tilbury's, coupeetjes, sjezen, bokkenwagens en Utrechtse wagens bouwde. Elke dinsdag werden deze voertuigen met handkracht naar de Vismarkt gebracht om ze aan de daar aanwezige boeren te verkopen.

rademaker NvhN 22 04 1900
advertentie april 1900

Lees meer: Rademaker, Groningen

Konings, Swalmen

In 1873 werd door Michael Konings en zijn zoon Peter in het Limburgse Swalmen Konings Machinefabriek BV opgericht. Men concentreerde zich op landbouwwerktuigen en draaimolens. In 1898 werd het bedrijf uitgebreid met een ijzergieterij. Vanaf dat moment konden de eigen producten met in huis gegoten onderdelen uitgevoerd worden.

konings-1899

Wanneer voor het eerst een auto werd gemaakt is niet duidelijk, waarschijnlijk was dat in 1899. Deze Konings had vrijwel zeker een De Dion Bouton-motor. Later verlieten ook exemplaren met, naar het voorbeeld van De Dion, in eigen beheer gemaakte motoren de fabriek. Alle auto's van Konings waren vierzitters.

 

 

Foto links: de vroegst bekende Konings auto uit 1899

 

Lees meer: Konings, Swalmen

Gelria, Arnhem

Gelria-1900-05-05-img889-1

De advertentie hierboven verscheen in de Wereldkroniek van 5 mei 1900 (klik voor een grotere versie)

De Machine- en Motorenfabriek Gelria te Arnhem is voortgekomen uit een reparatiewerkplaats die in 1883 door dhr. J. Kuhn werd opgericht. Deze onderneming werd in 1886 overgenomen door C.F.P. Alsche en vanaf 1892 voortgezet als G.A. Alsche en Co. In 1889 werd het bedrijf uitgebreid met een ijzergieterij. Men vervaardigde onder meer stationaire stoommachines en gas- en petroleummotoren.

In 1899 besloot Gelria automobielen te gaan bouwen en deze te voorzien van een eigen motor. Twee mensen werden hiervoor aangetrokken: J. Brouwer, afkomstig van de motorenfabriek Thomassen in De Steeg, waar hij aan de ontwikkeling van industriële en stationaire motoren had gewerkt en P.J. van de Berg van Saparoea. Samen vormden zij de directie van de autoafdeling. 

Lees meer: Gelria, Arnhem

Zwaluw - Carel van Rosendael

zwaluw-advertentie-1

Op 11 juli 1898 wist rijwiel- en kinderwagenfabrikant Carel van Rosendael uit Nijmegen met spectaculaire berichtgeving de aandacht op zich te vestigen. Op 6 september van dat jaar zou de kroning van prinses Wilhelmina plaats hebben en in een advertentie en een persbericht in de Provinciaal Geldersche en Nijmeegse Courant van 11 juli 1898 beloofde Van Rosendael een kronings kinderwagen te zullen schenken aan elk kind dat op 6 september in Amsterdam, Den Haag of Nijmegen geboren werd en dat de naam Wilhelmina zou krijgen.

Het persbericht gaat dan verder:

"Tevens kunnen wij melden dat genoemde fabriek, vooruitstrevend als zij is, sinds lang plannen had, automobielen, het rijtuig der toekomst, te bouwen, welke zullen worden gedreven door een speciaal nieuw tot hiertoe onbekend systeem motor. Te dien einde heeft de fabriek belangrijke uitbreidingen ondergaan en is de motor van 15 P.K. vervangen door een van 30 P.K., terwijl in de ruime machinekamer een dynamo dienst doet om met ruim 100 stuks gloeilampen de fabriek electrisch te verlichten.

Daar, voor zover ons bekend is, dit de eerste fabriek in ons land is, welke zich op de autocar-fabrikage zal toeleggen en te Parijs de vraag naar den rijtuigen zoo groot is, dat er fabrieken zijn, welke op volgnummer bestellingen aannemen en reeds nummer 165 afgaven, vermenen wij de firma van Rosendael & Co geluk te mogen wenschen met hare onderneming."

Lees meer: Zwaluw - Carel van Rosendael

Humo en Geropa

Humo

John Moos werd geboren op 16 juni 1888 te Nieuwer Amstel. Hij begon zijn carrière als wielrenner, maar nadat hij in 1904 een baan kreeg bij een filiaal van Simplex motorfietsen in de Kerkstraat te Amsterdam, raakte hij betrokken bij de motorsport, eerst alleen als coureur, later ook zakelijk als verkoper van motorfietsen en automobielen.

In 1919 werd hij hoofdvertegenwoordiger van het dan net nieuwe automerk Citroën en vestigde zich aan de Olieslagerslaan 40 in Haarlem onder de naam N.V. v/h John Moos Automobielhandelmaatschappij. Binnen een jaar wist hij 100 auto's te verkopen, maar daar kwam al snel de klad in doordat Citroën vanuit Frankrijk rechtstreeks aan particulieren leverde en ook omdat de diverse agenten elkaar hevig beconcurreerden.

1920-08-John-Moos

 

John Moos in augustus 1920 op een door hem geïmporteerde Harley-Davidson 1000cc trackracer

 

 

 

 

 

 

John Moos vatte het plan op om zelf een auto te bouwen en op de markt te brengen. In juni 1920 was hij in contact gekomen met Hans Huurnink, van wie alleen bekend dat hij afkomstig was uit de autobranche. Gezamenlijk besloten ze het plan om een auto te bouwen te verwezenlijken, waarbij John Moos het technische gedeelte voor zijn rekening zou nemen en Hans Huurnik zou optreden als financier en het administratieve gedeelte zou beheren. In juni 1921 werd in Heemstede aan de Heerenweg de eerste steen gelegd voor een grote hal waarin de N.V. Automobiel- en Vliegtuigfabriek 'Humo' (een samentrekking van de namen Huurnink en Moos) werd gevestigd.

Lees meer: Humo en Geropa

Eenhoorn - Autolette, Rotterdam

Autolette en Eenhoorn

In l871 verhuisden de uit Engeland afkomstige broers Seymour en Daniël George Bingham naar Rotterdam, waar zij onder de naam Bingham & Co. een bedrijf begonnen dat dekkleden en afdekzeilen verhuurde. De firma was gevestigd aan de Eenhoornstraat 4-6 nabij de Leuvehaven. 1)

Vanaf 1884 begon S. Bingham met de vertegenwoordiging van diverse Engelse rijwielfabrieken in ons land en in 1890 startte men met de fabricage van een eigen merk rijwiel, de Eenhoorn. Op de Rai-tentoonstelling te Amsterdam in 1895 (toen nog RI geheten) exposeerde men 10 rijwielen.

Enkele jaren later zocht Bingham naar expansiemogelijkheden in een andere sector en vond die in de import van auto's. In 1903 exposeerde Bingham op de RAI-tentoonstelling "Olds benzine-motorrijtuigen, genaamd Oldsmobile", zoals omschreven in de catalogus.

Daarmee waren zij de eerste importeurs van Amerikaanse wagens in Nederland, maar dit importeurschap heeft slechts twee jaar geduurd, want vanaf 1905 begon men met de fabricage van motorrijwielen onder de naam 'Eenhoorn'. Deze konden geleverd worden in drie uitvoeringen, met een eencilinder motor van 3, 3½ of 4 pk. Deze motorfietsen werden in de loop van 1905 alleen nog maar op speciale bestelling geleverd en specialiseerde men zich verder op de fabricage ven rijwielonderdelen. Deze Eenhoorn motorrijwielen waren voorzien van een viertakt motor met gecommandeerde in- en uitlaatklep. Het laag in het frame geplaatste motorblok kon op bestelling ook geleverd worden met automatische inlaatklep voor de prijs van 375 gulden. Het model met magneetontsteking kostte 425 gulden terwijl, als men de Franse Simplex verende voorvork prefereerde, men 452,50 gulden moest neertellen.

eenhoorn-1905-03-bingham

advertentie maart 1905

 

 

 

 

 

 

 

 

Lees meer: Eenhoorn - Autolette, Rotterdam

Janson, Rotterdam

De Janson motorcarrier of motortransportwagen werd gemaakt door de firma W.A. Janssens & Zn., eerst gevestigd aan de Schiekade 106 te Rotterdam, later verhuisde het bedrijf naar de Gouvernestraat, ook in Rotterdam.

Het adres 'Schiekade 106' te Rotterdam komen we tegen op onderstaande advertentie uit 1915 van het autobedrijf "N.V. Automobielmaatschappij Rotterdam"

janson-1915-janssens

Niet bekend is of dit ook al een bedrijf was van Janssens & Zoon. De vroegste advertenties die we van hen tegenkomen dateren van april 1921, waarin wordt geadverteerd als agent van de automerken Adler, Oakland, F.N. en Packard.

Lees meer: Janson, Rotterdam

Groninger Motorrijtuigenfabriek, Groningen

groninger-mf-brief-1899-04 

In 1898 werd in Groningen de 'Groninger Patent-motor-rijtuigen Exploitatie' opgericht, onder leiding van de heer Johannes. van Dam Jr. die zowel directeur als chef-constructeur was. Johannes van Dam junior was de zoon van een kassier en vond zijn eerste klanten binnen de familiekring. Volgens een brief, gedateerd 10 april 1899 zou hij al anderhalf jaar daarvoor een 'dogcart' geleverd hebben aan de heren J. van Dam & Zoon, Kassiers en effectenhandelaar te Groningen.

Johannes van Dam was de eerste automobilist die de in 1898 verplichte geworden rijvergunning aanvroeg. Hij kreeg rijksnummer 2, zijn broer Willem Allard van Dam kreeg rijksnummer 1.

Lees meer: Groninger Motorrijtuigenfabriek, Groningen

Den Held, Rotterdam

A. den Held (geboren 20 juni 1874) begon in 1898 (waarschijnlijk samen met zijn jongere broer Cor den Held, een atleet) een rijwiel- en motorenzaak in de Hartmanstraat te Rotterdam. Genoemd worden het adres Hartmanstraat 51 maar ook 58-60.

Held's Sporthandel begon rond 1905 met de verkoop van auto's. In dat jaar kreeg hij als handelaar in automobielen het Rijksnummer 1689 toegewezen (op naam van A. den Held Azn.). Dit was een vergunning voor vier auto's. Vanaf 1907 was het bedrijf gevestigd op het adres Westzeedijk 19. Deze firma was in 1907 dealer van het Engelse merk Star, in 1913 dealer voor het Franse merk Panhard-Levassor.

In 1913 begon Den Held zelf auto's te bouwen, vermoedelijk onder de naam Kroon, omdat ook op de radiateur een kroon stond. In 1913 verscheen een driepersoons open torpedo; in 1914 een open vierpersoons auto met langere wielbasis en in datzelfde jaar een gesloten vierpersoons auto. Deze hadden een 4-cylinder, 10pk motor van Ballot, een chassis van Malicet et Blin uit Parijs en een radiateur van Chausson naar eigen model. De carrosserie kwam van de Rotterdamse carrosseriebouwer Dolk. Deze carrosserie was van hout en waarschijnlijk te zwaar omdat de achterassen braken bij de spiegaten.

den-held-kroon-1 

Waarschijnlijk is dit de familie Den Held (foto collectie Erik den Held, klik op de foto voor een vergroting)

 

 

 

 

 

 

 

Lees meer: Den Held, Rotterdam

W.F.K. Motortrucks

De W.F.K. motortruck (of in gewoon Nederlands: ijzeren hond) werd gemaakt de firma W.F.K. Industrie aan de Bergervaartstraat 8 te Deventer.

Bron: Janssen, Anton: L.A.Moll’s ATIM, de geschiedenis van een Nijmeegs garagebedrijf. Uitgave december 2010, ISBN/EAN nummer 978-90-816369-1-9; blz. 339 en 365. 

Hieronder een verkoopfolder van W.F.K. (Klik op de foto's voor een grotere weergave)

wfk-ijzeren-hond-1a

wfk-ijzeren-hond-2a

Bijvoorbeeld carrosseriebedrijven als de Firma J. Beks jr., carrosserie- & wagenbouw te Groningen gebruikten het WFK motorunit-chassis om er op klantenwens een ombouw op te zetten. Veel modellen van ventwagens konden overigens af fabriek geleverd worden.

WFK-beks-carrosserie-1958-02

 

 

Deze advertentie stond in het Nieuwsblad van het Noorden van 15 februari 1958

Nobach en van Beek, Blokzijl

RG-25-10-1354984514

Volgens een artikel in de Leeuwarder Koerier van 19 oktober 1954 reden twee jongens, Jan Nobach en Jaap van Beek, regelmatig in een kleine auto van Blokzijl naar de Noordoostpolder.

Op het autootje valt geen merknaam te ontdekken, maar uit het artikel blijkt dat de auto in Almelo is gebouwd en een 290cc motor heeft. Zo op het oog is het een driewieler. Omdat het kenteken is afgegeven in juli 1954 moet gezien het jaartal van publicatie de bouwer de auto al snel na het bouwen hebben verkocht. Het autootje heeft aan iedere kant een clignoteur maar ruitenwissers lijken te ontbreken.

Omdat er geen andere naam bekend is,, krijgt deze auto voorlopig de naam 'Nobach en van Beek'', maar hopenlijk weet iemand hier meer van? Mail de Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.!

Bron: kranten.kb.nl / Leeuwarder Koerier 19-10-1954

Met dank aan Eduard Hattuma voor de vondst.

Lees meer: Nobach en van Beek, Blokzijl

Auto "Palace"

Auto-Palace-RAI-1908-1

Auto-Palace, de Haagse importeur van de merken Mercédès en Unic toonde op de RAI-tentoonstelling van 1908 een auto onder eigen merknaam, de Auto "Palace". Het was een licht voertuigje met een 4 cilinder 6/12 hp motor. Een chassis kostte 2925 gulden; een tweepersoons landaulette compleet met twee schijnwerpers, generateur, hoorn en achterlantaarn kostte 3895 gulden. Een Limousine met drie plaatsen kostte 4140 gulden. Jan Lammerse schrijft in zijn boek 'Auto-design in Nederland' dat de Auto "Palace" geen succes was. "Eind augustus 1908 werden de nog voorradige auto's per advertentie opgeruimd. Het ging om twee exemplaren met een carrosserie duc met capote-Americaine en om een carrosserie landaulette met zelfbesturing en twee zijplaatsen." 

Overigens was de Auto "Palace" een onder eigen naam geleverde versie van de Duitse Oryx. Mogelijk dacht de Mercedes-importeur een slag te slaan in de inzakkende automarkt van grote auto's en kocht een aantal wagens van het nog tamelijke nieuwe en onbekende Oryx. Misschien werden ze in Nederland geassembleerd, maar verder lijkt er weinig eigen inbreng te zijn geweest. Het Nederlandse publiek wilde er blijkbaar toch niet aan. Het merk heeft daarom maar kort bestaan, want er zijn alleen advertenties uit 1908 en 1909 bekend. Ook niet bekend is hoeveel auto's er totaal geleverd zijn.

Kort daarna zag de firma Verwey & Lugard er kennelijk wel brood in. Vanaf 1909 verkochten zij de Oryx gedurende een aantal jaren met redelijk succes.

(foto hierboven: de Auto "Palace" op de RAI-tentoonstelling van 1908; klik op de foto voor een overzicht van de stand)

Lees meer: Auto "Palace"

Homemade

homemade-ford-weymann

In 1957 bouwde de heer J.A. Weyman, monteur in de onderhoudsdienst van de N.V. Nederlandse Ford Automobiel Fabriek te Amsterdam, in zijn vrije tijd een gestroomlijnde automobiel, die het merk"Homemade" draagt. De auto werd geheel met de hand vervaardigd en is van drie wielen en een 2-cilinder motortje voorzien.

(bron: Ford Wereld, april 1957)

Neva, Vaals

neva-vaals-3

De NEVA two-seater is ontstaan op de tekentafel bij de firma Staalimex te Breda. Sinds 1934 is dit bedrijf leverancier van de meubelindustrie van Nederland, maar houdt zich ook bezig met handel in allerlei soorten wielen, magazijnkarren, magazijnstellingen enz. Het bedrijf werd opgericht door dhr. van der Pol. Kort na de Tweede Wereldoorlog maakte dhr. van der Pol waarschijnlijk meerdere prototypes, waarvan er één in 1947 werd aangeboden in een advertentie in het blad 'MOTOR' van 28 maart 1947.

neva-vaals-2

 

 

 

 

 

 

 

 


hierboven het eerste gebouwde prototype 

Lees meer: Neva, Vaals

Copyright © Conam 2010-2017

All Rights Reserved.