Carrosseriebouwers (beschrijvingen)

Carrosseriefabriek A.J. Christiaanse, Haarlem, Heemstede

Een interview begin 2017 afgenomen door Fons Alkemade
In 2016 meldden zich bij de Conam per mail de heren Wim en Kees Christiaanse. Zij hadden oude documentatie gevonden van het bedrijf van hun vader, carrosseriefabriek Christiaanse te Haarlem. Begin 2017 heeft Fons Alkemade de heren opgezocht voor een interview en om de documenten te bekijken.

De geschiedenis van carrosseriebedrijf Christiaanse

Carrosseriefabriek Christiaanse Foto 1
Aan beide kanten van de familie zaten wagenmakers: de familie Vosse uit Heemstede en de familie Christiaanse uit Noordwijk. Kees: “Mijn vader [A.J. Christiaanse, geboren in 1898] is op 18-jarige leeftijd vertrokken naar Brussel want hij had wel in de gaten dat de wagenmakerij geen toekomst had. Hij ging daar werken bij een carrosseriefabriek. Daarvandaan is hij terug gekomen en toen heeft hij volgens mij nog een tijdje bij Spyker gewerkt in Amsterdam en ook bij carrosseriebouwer Schutter en Van Bakel. En daarna is hij voor zichzelf begonnen in de Lange Herenstraat in Haarlem. Dat heeft hij gedaan tot 1940.” Een broer van A.J. Christiaanse, Henk, was trouwens voor de oorlog nog steeds wagenmaker in Noordwijk: hij bouwde nog een enkele boerenwagen, maar repareerde bijvoorbeeld ook kruiwagens.

Lees meer: Carrosseriefabriek A.J. Christiaanse, Haarlem, Heemstede

Carrosseriefabriek Mostard, Susteren

Fa. J. en A. Mostard, Carrosserie & Wagenbouw, Dieteren 4, Susteren

Het bedrijf Mostard werd 1890 opgericht door Hendricus Mostard. In 1903 begon hij een radmakerij waar onder andere wielen, kruiwagens en landbouwwagens werden gemaakt. In 1937 werd het bedrijf voortgezet door zijn twee zoons Jan en Albert, onder de naam Firma J. en A. Mostard aannemers- en carrosseriebedrijf.

Kort na de Tweede Wereldoorlog werd in 1947 de eerste carrosserie gebouwd en afgeleverd, spoedig gevolgd door grotere opdrachten waaronder autobussen. Mostard bouwde in de jaren vijftig bus carrosserieën voor (uitsluitend?) Limburgse klanten onder andere op Kromhoutchassis.

In 1953 werd het bedrijf gesplitst in een aannemersbedrijf en een carrosseriebedrijf. Deze laatste kwam onder leiding van Albert Mostard. In 1956 en de jaren er na kreeg Mostard landelijke bekendheid door de serieproductie van Yvonne Caravans. Hiervan werden er enkele duizenden geproduceerd. Later werd de caravanafdeling een zelfstandige vestiging in Susteren, met de naam Mostard Recreatie B.V.

Bron: Mostard Yvonne register

mostard carrosserie DAF
buscarrosserie op een DAF 1958
bron foto: Transport History

Lees meer: Carrosseriefabriek Mostard, Susteren

Firma J.J. de Groot, Carrosserie en Wagenbouw, Leiden

Firma J.J. de Groot, Carrosserie en Wagenbouw, Oude Varkenmarkt 13, Leiden

groot img378In 1898 verhuisde Johan Jacob de Groot van Den Haag naar Leiden, waar hij werk vond in de rijtuigfabriek van G. Buitendijk achter de Stationsweg. In 1905 begon hij voor zichzelf als wagenmaker in een soort stal op de Oude Singel, hoek Koolstraat.

Nadat in 1913 de huur werd opgezegd kocht De Groot een pand aan de Oude Varkenmarkt nummer 13. Dit pand werd verbouwd tot werkplaats. In de zaak werkten vader Johan Jacob de Groot, zijn zoons Arnoldus George en Johan Jacob Nicolaas (geboren 5 december 1900, vandaar de naam Nicolaas) en een knecht Johan Tegelaar. Vader de Groot overleed op 17 mei 1922 op 57-jarige leeftijd, waarna de zaak werd voortgezet door de beide zoons en de knecht. Moeder Johanna Hendrika de Groot kreeg de zakelijke leiding.

Tijdens de crisis in de jaren dertig gingen de zaken slecht en moest de knecht worden ontslagen. In die periode werd ook begonnen met de verhuur van handkarren.

Moeder de Groot overleed tidens de hongerwinter van 1944. Arnoldus George de Groot stapte in 1951 wegens ziekte uit de zaak, waarna Johan Jacob Nicolaas het bedrijf alleen voorzette. Dit deed hij tot op hoge leeftijd.

Het pand waarin het bedrijf van De Groot was gevestigd bestaat nog steeds en is een toeristische trekpleister in Leiden.

Lees meer: Firma J.J. de Groot, Carrosserie en Wagenbouw, Leiden

N.V. Carrosseriefabriek "Hoogeveen"

De N.V. Carrosseriefabriek "Hoogeveen" werd in 1952 overgenomen door de N.V. Motorkracht (waarmee al een belangengemeenschap bestond). De N.V. Motorkracht moderniseerde en breidde de oude fabriek uit om er Magirus-Deutz trucks te assembleren.

magirus 19530608 motorkracht 4
Magirus-Stadsbus type O 6500 bij de fabriek in juni 1953













Hieronder een foto uit 1954 met rechts de oude fabriek
 
Magirus Motorkracht 19540100 fabriek

Kern & Koning, Amsterdam

Kern & Koning, Rijtuig- en wagenmakerij, Kerkstraat 283 te Amsterdam

Kern was in 1901 rijtuigmaker in Amsterdam. Als Kern & Koning heeft de firma in elk geval bestaan van 1912 tot 1931.

Veel rijtuigen en sleden werden geïmporteerd uit Amerika. Deze waren compleet gebouwd, maar zonder enige afwerking. Bekend is dat kleine rijtuigen gedemonteerd als bouwpakket in een houten kist naar Europa werden verscheept. Om ruimte en vrachtkosten te besparen werden alleen de meest noodzakelijke onderdelen in de kist verpakt. Smeedijzeren delen werden bijvoorbeeld niet meegeleverd. Deze konden immers eenvoudig in het land van toekomstig gebruik gemaakt worden. Net als vele andere rijtuig- en wagenmakers zette Kern & Koning het voertuig in elkaar en voorzag het van smeedwerk. Daarna werd het rijtuig of slee geschilderd en gestoffeerd. Er kwamen lampen op en eventueel werd er een eigen naamsvermelding op aanbracht.
Bron: Stolk Balkbrug

kern koning 19130317
advertentie in het ‘Nieuwsblad van het Noorden’ d.d. 17 maart 1913




Kern en Koning
Op 15 oktober 2006 werd door het veilinghuis Osenat een Panhard & Levassor uit 1910 aangeboden met een carrosserie van Kern & Koning uit Amsterdam.
Deze Panhard heeft jarenlang in de Louwman collectie gezeten. Inmiddels is hij ‘terug-gerestaureerd’. Kern & Koning hebben vermoedelijk rond 1912-1914 de carrosserie ‘gemoderniseerd’, o.a. door portieren aan te brengen voor de plek van de chauffeur. Op de foto hieronder de auto zoals hij nu is, zonder portieren en niet meer geel maar een soort zwart.









Kern Koning panhard















Met dank aan Bart Oosterling en Fons Alkemade

Willems, Beneden-Leeuwen

The Willems, Carrosserie en Wagenbouw, Leeuwen

THE WILLEMS 010
The Willems voorzag de Maas en Waalse melkhandelaren van hun specifieke ventwagentjes (paardentractie). Hij bouwde boerenwagens en van tijd tot tijd een enkele vrachtwagen of oplegger.
Echter het meest bijzondere wat hij ooit gebouwd heeft is de ventwagen voor bakkerij Derks in Overasselt. Voor bakker Derks bouwde hij een ventwagen in de vorm van een frontstuur cabine enigszins lijkend op de toen zeer moderne DAF. Ook hier ging het weer om paardentractie en let op de gleuf onder de voorruit voor het doorvoeren van de leidsels. Bakker Derks moet er letterlijk en figuurlijk warmpjes bij gezeten hebben.

Lees meer: Willems, Beneden-Leeuwen

Riek, Hillegom

Carrosseriefabriek van Riek, Vosselaan 24d, Hillegom

riek carrosserie 19240603
De familie van Riek wordt zijdelings besproken in het blad 'Ons Bloemendaal' van januari 2006 in een artikel van Wim Post. Daaruit blijkt dat deze familie al vanaf de 18e eeuw in deze streek bekend staat als wagenmakers. Al rond 1916 maakt Van Riet opbouwen voor T-Fords die zij als kaal onderstel krijgen aangeleverd. Het bedrijf gaat daar nog jaren mee verder, maar is ook een machinefabriek voor zeer specialistische apparatuur voor de bollenkweek.

Lees meer: Riek, Hillegom

Carrosseriebedrijf T.A. Benning, Bergen op Zoom

Over het carrosseriebedrijf van T.A. (Theodorus) Benning is weinig bekend. Hij krijgt in 1939 een vergunning voor de bouw van een carrosseriefabriek met drie bovenwoningen aan de Wouwsestraatweg, maar het is niet duidelijk wat hij daar produceert.

Bron: Bergen op Stoom, productiebedrijven in de gemeente Bergen op Zoom van 1800 tot 1950, eindredactie Willem Heijbroek, uitgave Stichting Industrieel Erfgoed Bergen op Zoom, 2009

Carrosseriebedrijf Hazen, Bergen op Zoom

Een bedrijf dat zich zijdelings met carrosseriebouw heeft bezig gehouden, is modelmakerij Hazen, die omstreeks 1929 is gevestigd aan de Zuidsingel 19-20. Hazen heeft ook een fabriek voor houten riemschijven, merk Avia, en een carrosseriebouw onder de naam Avia voorheen Gebrs. Hazen.

Het is opmerkelijk dat de krant in de jaren tussen 1929 regelmatig bericht over het carrosseriebedrijf, maar dat geen van de latere eigenaren of nazaten zich iets kan herinneren. Ook in een herdenkingsbrochure van Hazen uit 1956 wordt met geen woord over carrosseriebouw gerept.

Bron: Bergen op Stoom, productiebedrijven in de gemeente Bergen op Zoom van 1800 tot 1950, eindredactie Willem Heijbroek, uitgave Stichting Industrieel Erfgoed Bergen op Zoom, 2009

Touw - Carrosseriefabriek D. Touw en Zonen, Bergen op Zoom

Daniël Touw, geboren te Roosendaal in 1899 als zoon van een smid, start op 1 september 1928 een kachelmakerij en autoplaatwerkerij aan de Lindebaan 14-16. Het bedrijf maakt vooral plattebuiskachels. Soms komt er een klant voor reparatie van plaatschade aan zijn auto. Dat verandert echter snel als de automarkt vanaf het einde van de jaren twintig explosief begint te groeien. Spoedig ontwikkelt het bedrijf van Touw zich tot een schadeherstelbedrijf met klanten uit de hele regio. Daarnaast neemt de vraag naar vrachtwagens met gesloten en open laadbakken toe. Kooplieden die eerst nog met paard en wagen met hun handelswaar langs de deur trekken, schakelen vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw over op bestelwagens. In die tijd neemt ook het vervoer van groepen dagjesmensen snel toe en ontstaat er vraag naar op maat gebouwde bussen, voorzien van fraaie belettering en bekleding. Touw start in 1940 met zijn auto-beklederij en voegt zeven jaar later carrosseriebouw toe aan zijn bedrijfsactiviteiten; de kachelmakerij is dan al opgedoekt. De handelsnaam wordt gewijzigd in Carrosseriefabriek D. Touw.

Lees meer: Touw - Carrosseriefabriek D. Touw en Zonen, Bergen op Zoom

Smit & Vlaming - N.V. Carrosseriefabriek v/h Smit & Vlaming, Bergen op Zoom

Carrosseriebedrijf Willem Smit wordt in 1923 gevestigd aan het Stationsplein en de Oude Stationstraat. Smit zet zijn bedrijf om in de vennootschap W. Smit en Co. en deze blijkt in 1926 te zijn gevestigd aan het Stationsplein 15. Deze vennootschap is vermoedelijk opgericht op 27 februari 1926, maar een oprichtingsdatum februari 1924 wordt ook vermeld. De vennoten van dit bedrijf zijn W.S. Smit en B. Vlaming.

W.S. Smit adverteert in 1914 nog als bouwkundige in dagblad De Zoom en beveelt zich aan voor het maken van bestekken, tekeningen en begrotingen. Het maken van tekeningen voor auto's zal hem dus niet vreemd zijn geweest.

smit carrosserie 1930 1

 

lijkwagen, circa 1930

 

Vanaf 1927 zet Smit de zaak voort onder de naam NV Carrosseriefabriek v/h Willem Smit. B. Vlaming vraagt in 1928 toestemming voor de uitbreiding van de carrosseriefabriek aan het Stationsplein 157. Smit en Vlaming hebben in de loop van de tijd nog een nevenvestiging opgericht. Aan de Koepeldwarsstraat 7 wordt in 1929 de NV Bergen op Zoomsche Carrosseriefabriek gevestigd. Doel is het bouwen en repareren van en handel in carrosserieën en automobielen, aan het Stationsplein 15, hetzelfde adres als het bedrijf van W. Smit. Lang heeft deze nevenvestiging niet bestaan, want in september 1931 wordt de NV Bergen op Zoomsche Carrosseriefabriek opgeheven, vermoedelijk ten gevolge van de economische crisis.

Bron: Bergen op Stoom, productiebedrijven in de gemeente Bergen op Zoom van 1800 tot 1950, eindredactie Willem Heijbroek, uitgave Stichting Industrieel Erfgoed Bergen op Zoom, 2009

Lees meer: Smit & Vlaming - N.V. Carrosseriefabriek v/h Smit & Vlaming, Bergen op Zoom

Carrosseriefabriek Demmers, Bergen op Zoom

De eerste carrosseriefabriek in Bergen op Zoom is van de Bergse wagenmaker Antonius Demmers. Hij richt in 1897 een rijtuigmakerij op aan de Wassenaarstraat 44 en breidt deze later uit met een carrosseriebedrijf. Het bedrijf wordt opgeheven op 1 juli 1929. Zijn zoon Johannes Marinus Demmers neemt de zaak van zijn vader over, waarbij het vestigingsadres wordt gewijzigd in Wassenaarstraat 42. Erg lang voert Johannes Demmers hier zijn vak niet uit, want drie jaar later is het carrosseriebedrijf in staat van faillissement en opheffing volgt. Waarschijnlijk ligt de oorzaak van de sluiting bij de economische recessie van dat moment.

Bron: Bergen op Stoom, productiebedrijven in de gemeente Bergen op Zoom van 1800 tot 1950, eindredactie Willem Heijbroek, uitgave Stichting Industrieel Erfgoed Bergen op Zoom, 2009

Carrosseriefabriek J.C. Otten, Muntendam

A 22576 otten muntendam

Carrosserie op een Chevrolet voor bodediens Poppen, midden jaren dertig

(bron foto: Gronings Archief)

 

Na de Tweede Wereldoorlog werden de broers Jan Cornelis en Barend Otten bekend met de fabrikage van de 'Otten' caravans. Lees hier meer.

 

Smulders, Tilburg

Carrosseriefabriek Smulders in Tilburg

door Frans Kense

1 Logo Smulders 1937Het logo van Smulders: een ‘Gouden Koets’ met verbrandingsmotor.

 

Wat is het verschil tussen een wagenmaker en een carrosseriefabriek? Een plaats als Tilburg telde in 1928 totaal veertien wagenmakers en in 1934 zeventien wagenmakers plus vier carrosseriefabrieken. Die toename had een aantal oorzaken. De vele Brabantse stoomtramwegmaatschappijen konden in de jaren dertig de concurrentie niet aan met de ‘wilde’ busmaatschappijen en besloten op korte termijn al het railvervoer te vervangen door eigen autobussen. Met name gebeurde dit door de uit een fusie ontstane ‘Brabantsche Buurtspoorwegen en Autodiensten’ (kortweg BBA) die een honderdtal autobussen, maar ook vrachtwagens nodig had.

Lees meer: Smulders, Tilburg

Huiskamp Carrosseriefabriek, Winterswijk

In 1913 startte dhr. G.B. Huiskamp zijn wagen- en rijtuigmakerij. Het Winterswijkse bedrijf bouwde verschillende soorten koetsen, van chique rijtuigjes voor de elite, tot de koets voor het lokale bakkertje. Een bedrijf in Zelhem gaf Huiskamp destijds de opdracht voor de bouw van een staatsie-rouwkoets. Deze koets werd in de uitvaartbranche zó goed ontvangen, dat Huiskamp meerdere opdrachten voor rouwkoetsen kreeg en zich vanaf dat moment is gaan specialiseren in het maken van rouwvervoermiddelen. Dat doet de firma nu, bijna honderd jaar later, nog steeds, alleen is de koets in de loop der tijd uiteraard vervangen voor de auto en is ook de werkwijze met de tijd meegegaan.

In 1985 namen Willie Bruntink en Hans Legters het bedrijf aan de Goudvinkenstraat in Winterswijk samen met hun echtgenotes van dhr. Huiskamp over. In 2000 werd het pand in het centrum van Winterswijk verruild voor een nieuwbouwpand op het industriegebied van Winterswijk. In deze moderne fabriek aan het Technopark, met een uitgebreide outillage, is een team van circa 30 ontwerpers, carrosseriebouwers, stoffeerders, autospuiters en monteurs werkzaam.

huiskamp 1913 rijtuigmakeri

 

Lees meer: Huiskamp Carrosseriefabriek, Winterswijk

Gebr. Kronenburg, Culemborg / Hedel

Kronenburg begon in 1823 in Culemborg een koperslagerij. Een van de eerste producten was een koperen windketel, die onder meer geleverd werd aan brandweerkorpsen uit de omgeving om ervoor te zorgen dat de brandspuiten een constante straal leverden. Al spoedig werden er complete handspuiten gebouwd. Later werd ook het bouwen van stoombrandspuiten ter hand genomen. Al kort na 1900 werden vrachtwagens opgebouwd, gevolgd door de productie van brandweerauto’s. In de twintiger en dertiger jaren werd vaak van Ford TT en Ford V8 gebruik gemaakt voor de brandweer opbouw.

kronenburg 1928 Ford TT

Ford TT 1928

Lees meer: Gebr. Kronenburg, Culemborg / Hedel

Arij Jordaans, Schiedam

arij jordaans

Bron: adreslijst Schiedam 1924, p.111

arij jordaans K 18870

Studebaker chassis uit 1945, door Jordaans rond 1950 voorzien van een kolkenzuigeropbouw.

(bron: fotoarchief Gemeente Vlissingen, inv.nr. FA19407)

 

Carrosserie en Wagenbouw Hoetmer, Rotterdam

Carrosserie en Wagenbouw Hoetmer, Rotterdam

Hoetmer Wagenbouw

Het bedrijf van Cor Hoetmer was in 1953 gevestigd aan de Hoofdlaan, maar verhuisde later naar de Noorderkanaalweg in Rotterdam. Hoetmer maakte veel brandweerwagens. Het bedrijf eindigde door het plotselinge overlijden van Cor Hoetmer ("Aan een vet hart..."). De aciviteiten werden overgenomen door Jan en Arie van der Kraan aan de Ringdijk in Schiebroek. Dit bedrijf bestaat nog steeds in Vlaardingen.

 Hoetmer E 33876 Opel

Opbouw van Hoetmer op een Opel Blitz

 

van Beurden, De Lier

De geschiedenis van Van Beurden Carrosseriefabriek laat zich omschrijven met een aantal sleutelwoorden: kwaliteit, betrokkenheid en continu op zoek naar nieuwe ontwikkelingen en technieken. Deze eigenschappen vormen de ruggengraat voor een bedrijf dat inmiddels al meer dan tachtig jaar actief is in de carrosseriebouw.

1929 -1945

Na een opleiding bij vader en oom begon P.L. van Beurden in 1929 zelf een wagenmakerij in De Lier. De werkzaamheden bestonden destijds uit het maken en repareren van paardenwagens en kruiwagens voor boeren en tuinders uit de omgeving en het herstellen van koetsen.

kromhout-van-beurden

 

Lees meer: van Beurden, De Lier

Oostwoud, Franeker

Marten Frankes Oostwoud (1874-1936) was de zoon van wagenmaker Franke Roelofs Oostwoud (1844-1899). Franke verplaatste in 1880 zijn bedrijf van Giekerk naar Franeker, aan het Noord (zuidzijde). Marten nam de leiding in 1899 over. Het assortiment liep uiteen van hondenkarren tot tilbury's, van invalidewagentjes tot landauers. Na WO-I begon Marten met het bouwen van autocarrosserieën. Op Opel-onderstellen uit Duitsland (chassis, wielen, motor en stuur) bouwde hij de carrosserie naar wens van de klant.

Na zijn dood ging men ook buisconstructies maken, wat leidde tot de productie van stalen meubelen, ontworpen door binnenhuisarchitect Cor Alons.

Het bedrijf ontwikkelde zich later tot producent van ziekenhuis- en technisch meubilair.

(bron: Van rijtuig tot ziekenhuisbed, door Franke Oostwoud, Meer (België) 2000)

oostwoud-1917-06-23

advertentie uit de Leeuwarder Courant van 23 juni 1917

 

 

Groenewold Carrosseriefabriek, Hoogezand

In 1947 startte Groenewold Carrosseriefabriek met de productie van bussen in Hoogezand. Tot 1965 was dit het belangrijkste product. Tegelijkertijd werd ook gestart met de productie van autotransporters en andere voertuigen. Midden jaren zeventig werd volledig gestopt met het maken van bussen en werd de nadruk gelegd op de auto-transporters en daaraan gerelateerde voertuigen. (bron: website Groenewold)

groenewold-nbm

 

(foto: Rutger Booy)

Lees meer: Groenewold Carrosseriefabriek, Hoogezand

Domburg, Montfoort

Carrosseriebouw Domburg is ontstaan na de Tweede Wereldoorlog, toen de beide firmanten van carrosseriefabriek Den Oudsten & Domburg in 1947 uit elkaar gingen. Floris Domburg begon in Montfoort een carrosseriebedrijf dat voornamelijk autobussen heeft gebouwd. In de jaren zeventig werd de zaak opgeheven.

domburg-nbm

Lees meer: Domburg, Montfoort

Klinkenberg, Wormerveer

De N.V. Machinefabriek en Constructiewerkplaats Gebr. Klinkenberg te Wormerveer werd opgericht in 1855 als een smederij. Het bedrijf groeide uit en werd bekend door de constructie van bruggen, hijskranen, liften en staalbouw in het algemeen. Klinkenberg was ook de fabrikant van de Kliko Draaitrommel vuilnisauto, die werd verkocht door de Industriële Handelmaatschappij Koster & van Batenburg te Alkmaar. De naam 'kliko' voor de kunststof vuilcontainers die wij tegenwoordig gebruiken, is een samentrekking van de namen Klinkenberg en Koster.

KLIKO-1962-02-klinkenberg

 

advertentie februari 1962 

 

Gebr. Mijnhardt, Arnhem / Voorburg

mijnhardt-File0623-01

De drie firmanten van de firma Gebr. Mijnhardt te Arnhem, circa 1928. Links W. F. Mijnhardt, rechts zijn broer Th. Mijnhardt en in het midden Fr. Mijnhardt, zoon van W.F. Mijnhardt

In maart 1901 begonnen de broers W. F. Mijnhardt en Th. Mijnhardt een wagenmakerij aan de Vlijtstraat te Arnhem. Er werden diverse koetsen gebouwd, van dogcarts en buggies tot elegante coupés en victoria's.

mijnhardt-File0623-02

Een buggy uit de beginperiode van Gebr. Mijnhardt

Ook in Arnhem bevond zich de fabriek van Gelria en al gauw maakte Mijnhardt hiervoor de carrosserieën. Helaas hadden de motoren de kwaal dat zij tijdens proefritten in brand vlogen, waarbij dan als eerste het koetswerk tot as verging.

Door de uitstekende kwaliteit van de koetswerken kreeg Mijnhardt een goede naam en veel auto-importeurs kwamen naar Arnhem om een carrosserie te laten maken. De zaken gingen zo goed, dat het bedrijf in Arnhem werd uitgebreid en in 1910 een filiaal werd geopend te Voorburg, Zuid-Holland. Dit filiaal werd gesloten in 1917, omdat er door de Eerste Wereldoorlog geen carrosserieën meer werden besteld. Ook het bedrijf in Arnhem moest inkrimpen. Door het ingestelde rijverbod voor auto's, kreeg men wel weer opdrachten voor de bouw van rijtuigen.

mijnhardt-File0623-03

In 1906 werd bovenstaande carrosserie gebouwd op een - volgens de originele tekst - Royal Star. Het ligt echter meer voor de hand dat dit een Delahaye is.

mijnhardt-File0624-01

Carrosserie op het chassis van een Renault uit 1910

Na de Eerste Wereldoorlog concentreerde Mijnhardt zich volledig op de bouw van autocarrosserieën. Met uitzondering van een enkel karretje voor een concours-hippique was het gedaan met de bouw van rijtuigen. Volgens Mijnhardt was het goedkoper om deze in het buitenland te bestellen en waren de vaklui die dit soort rijtuigen maakten in Nederland vrijwel niet meer te krijgen.

mijnhardt-File0624-02

Carrosserie op de Winton Six van H.M. de Koningin-Moeder in 1918

Door de opkomst van auto's met een fabrieksopbouw, raakte de carrosseriebouw in het slop, zodat begin jaren twintig de baken opnieuw moesten worden verzet. Fr. Mijnhardt, de zoon van W.F. Mijnhardt, had zijn technische opleiding niet alleen in het eigen bedrijf gekregen, maar ook bij diverse andere bedrijven in Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk. Op zijn initiatief werd het bedrijf gesplitst in een afdeling carrosseriebouw en een voor de handel in auto's. De Gebr. Mijnhardt kochten in 1921 de aandelen op van de N.V. Automobielhandelmij., waarin de nieuwe afdeling voor autohandel en reparatie werd ondergebracht. Op de Eusebiusbuitensingel in Arnhem werd een showroom ingericht. Hier kon de klant kiezen uit de merken Paige, Jewett, Amilcar, Peugeot en Delage. Later kwamen daar ook Hudson en Essex bij.

mijnhardt-arnhem-624-4

De garage in de Vlijtstraat te Arnhem

mijnhardt-File0625-01

De showroom aan de Eusebiusbuitensingel te Arnhem. Voor de showroom staan een Paige en een Jewett

mijnhardt 19270829 failliet
In augustus 1927 wordt het faillissement van Gebr. Mijnhardt uitgesproken (bericht in de De Gooi- en Eemlander, d.d. 29-08-1927)











Tekst: Rutger Booy
Bron: Sport in Beeld, circa 1926

Mijnhardt Delahaye 1912 exterieur

 

Een door Mijnhardt gebouwde 20/30 H.P. Delahaye-Limousine, in Louis XVI stijl (bron: De Revue der sporten van 19 november 1912)

 

 

 

 

 

 

Mijnhardt Delahaye 1912 interieur

 

Interieur van de door Mijnhardt gebouwde 20/30 H.P. Delahaye-Limousine, in Louis XVI stijl (bron: De Revue der sporten van 19 november 1912)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

mijnhardt-3

 

advertentie circa 1912/1913 voor de Delahaye

 

 

 

 

 

 

 

Mijnhardt 1 19130624

 

Topedo-carrossserie op een Daimler chassis

bron: Revue der Sporten, juni 1913

 

 

 

 

 

 

Mijnhardt 2 19130624

 

Interieur van de Daimler uit 1913

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mijnhardt 19130808 Arnhemsche courant

 

bericht in de Arnhemsche Courant van 8 augustus 1913

 

 

 

 

 

Artikel uit De revue der sporten jrg 6, 1912, no 28, 19-11-1912:

Een zeer merkwaardige carrosserie, in ons vaderland vervaardigd.

De tijden zijn gelukkig voorbij, dat de automobilist, wilde hij zoowel het uit- als inwendige van zijn wagen in de puntjes verzorgd hebben, tot dat doel de grenzen moest overwippen. Nu een auto niet slechts meer een snel, maar ook een luxueus vervoermiddel is geworden, soms 'n miniatuur-woonhuisje, staat Nederland dan wel niet aan de spits van de carrosserienijverheid, maar ook niet onder de hekkensluiters. We hebben nog wel geen Van den Plas binnen onze grenzen, maar we hebben wel zwoegers, ernstige werkers, die een brok arbeid kunnen leveren, dat er zijn mag. Lezer, bekijk nu eens de hierbij gevoegde foto's! Buitengewoon, niet waar ? Zoo op 't eerste gezicht de gedachte aan iets uit den vreemde, n'est-ce-pas ? Brussel of Parijs! Te licht, te coquet voor kikkerland. Hallo, my dear, kijk eens richting Voorburg uit! Wie woont daar? Wie bouwt daar wagens? Mr. Mijnhardt, niet waar? Nu, Mr. Mijnhardt, vroeger een degelijke, maar overigens doodgewone, rijtuigmaker, is thans een der pioniers in ons carrosserie-bedrijf, werkte, jaren, jaren lang, en smijt daar plots iets op de markt, waar iedereen versteld van staat.

Op 'n goeien dag kwam een Rotterdammer naar dezen uitnemenden werkman toe, vroeg hem, zoo langs zijn neus weg, of hij een carrosserie stijle Louis XVI kon maken. De man van Voorburg even aan 't oor-krabben, aan t mijmeren, toen het antwoord: ja! Et voila. Plannen geteekend, studies gemaakt, getimmerd, stijl, stijl, stijl, bekleed, stijl, stijl, stijl . . . . de meneer uit Rotterdam mag tevreden zijn.

Er kwam 'n groote limousine à capotage tot stand, zooals er nog weinig in ons land rollen. De beschildering is donker-blauw met gouden filets. Interieur is geheel van zijde, speciaal style Roi de la Guillotine. Achter in den wagen vindt men een divan, in satijnhout met weg-springende arm-leuning midden-in. Daarvoor zijn twee fauteuils aangebracht, van hetzelfde materiaal als de divan, en ook met zijde gecapitoneerd. Ze zijn draaibaar, en dus in verschillende richtingen te plaatsen. De fauteuils werden rijk gebeeldhouwd. Verder bevinden zich in het interieur nog een satijn-houten kastje voor toilet-artikelen -dit alles door de firma Mutters te 's Hage geleverd- en een dito afneembaar tafeltje met gebeeldhouwden voet. Natuurlijk zijn ook bloemenvazen in stijl, een spreekbuis en een richting-wijzer aangebracht. De verlichting geschied door een lamp, van schemerkap voorzien, in het plafond, benevens door twee lampjes achter in den wagen. Centrale verwarming wordt door circulatie van het water in den radiateur verkregen. Als bijzonderheid vermelden wij nog electrische verlichting van de treeplank bij open-draaiing van het portier, en waterbak buiten aan den wagen, te gebruiken bij eventueele bandenpech. De voorzitting is voorts van slangenleder, de ruiten van het vermaarde „verre triplex", waarvan, bij botsingen, geen splinters afspringen, en dus geen verwondingen kunnen ontstaan, terwijl de vensters van nieuw systeem en wel opdraaibaar zijn.

Zeggen we te veel, indien we hier van een groote bijzonderheid in ónze inheemsche carrosserie industrie spreken, lndien wij de Gebr. Mijnhardt als pioniers in het bedrijf aanduiden? 'n Goed voorbeeld doet goed volgen. Allo dan, landgenooten, niet alleen beroemd om versche kaas en Volendammer pofbroeken. Laten we ook eens in het buitenland doen spreken over iets, waarbij meer vernuft te pas komt. Aan de firma Mijnhardt alle hulde als eersteling op dit gebied! Een kranig stuk werk voorwaar!

mijnhardt-carrosserie-1915-1
advertentie 1915

Torpedo carrosserie van Mijnhardt op een Berliet chassis

 

 

 

 

 

 

 

 

 

mijnhardt-carrosserie-1915-2

 

advertentie 1915

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

mynhardt-1916

advertentie 1916

De auto is een 8 cyl. Cadillac

































Mijnhardt-1916-Cadillac

advertentie 1916

 

 

 

 

 

 

Mijnhardt-1916

advertentie 1916

















Mijnhardt 19200310 RdS
advertentie maart 1920










mijnhardt 19200721 winton
advertentie juli 1920













Mijnhardt-carrosserie-1921-04-14

 

advertentie april 1921

Carrosserie op een Winton Six

 

 

 

 

 

 

 

 

mijnhardt 19210502 winton six

 

advertentie mei 1921

Carrosserie op een Winton Six

 

 

 

 

 



mijnhardt-1921

advertentie 1921









 


Mijnhardt-carrosserie-1923-09-05
advertentie september 1923
Carrosserie op en 10 HP Delahaye

 

 

 

 

 

 

 

 

Mijnhardt-1

















 


Mijnhardt-1920c-stearns-Knight

 

carrosserie op een Stearns-Knight

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


mijnhardt



















mijnhardt-2

Remmers Carrosseriefabriek, Tilburg

Al in het Tilburgse adresboek van 1928 wordt J.B. Remmers vermeld als wagenmaker in de Hasseltstraat. Deze Jan Remmers was in 1931 met zijn bedrijf verhuisd naar een ander adres in de Hasseltstraat en in 1937 werd in het adresboek melding gemaakt van carrosseriefabriek J.B. Remmers in de Bisschop Masiusstraat. In 1951 verhuisde het bedrijf naar een door Jan Remmers ontworpen fabriek op Ringbaan-Noord 7, waar het zich ontwikkelde tot een veelzijdige carrosseriebouwer voor de meest uiteenlopende klanten. In 2005 nam Remmers het oude Tilburgse bedrijf Smulders Carrosserie over. In 2008 verhuisde het familiebedrijf onder de derde generatie naar een nieuw gebouw op industrieterrein Vossenberg. In de voorgevel van het oude bedrijfspand aan de Ringbaan-Noord bevindt zich een door André Doevendans gemaakt kunstwerk.
bron: Regionaal Archief Tilburg

Op 16 maart 2017 werd Remmers Carrosserieën B.V. h.o.d.n. Remmers Carrosserieën te Tilburg (Noord-Brabant) door de rechtbank in Zeeland-West-Brabant failliet verklaard.

remmers-carrosserie-austin


carrosserie van Remmers op een Austin

Copyright © Conam 2010-2018

All Rights Reserved.