Fabrikanten (beschrijvingen)

Altena, Haarlem

Auto's, Motorfietsen en Vliegtuigen

Anton van Altena wordt geboren in 1873 in Leusden. Na zijn HBS-tijd wordt hij molenaar, maar vertrekt in september 1896 naar Voorburg, bij Den Haag, waar hij als volontair-draaier gaat werken bij een rijwielzaak. Een goede vriend van Anton is August Eysink, die getrouwd is met de zuster van Anton, Gosina (Sientje). Eysink en Altena houden elkaar op de hoogte van alles wat met fietsen te maken heeft. In mei 1897 gaat Anton naar Wimborne in Engeland, waar hij als "volleerd rijwielreparateur" werkt.

Na een paar jaar komt hij terug naar Nederland, waar hij wordt aangenomen als monteur in het autobedrijf van Aertnijs in Nijmegen. Dat duurt niet lang. Altena vertrekt naar Parijs waar hij een baan krijgt bij het "Entrepot Générale des Automobiles" in de "Avenue de la Grande Armée".

In maart 1900 keert Anton terug uit Parijs en vestigt zich in Haarlem. Aanvankelijk is hij daar handelaar in tweedehands auto's, noemt zich dan al 'fabrikant van automobielen", maar dat woord heeft in die tijd ook nog een "ambachtelijke" betekenis. Als autohandelaar en -reparateur krijgt hij op 2 november 1900 Rijksnummer 305 toegewezen voor een voertuig met de afmetingen 2.00 x 1.27.

altena-3.1

 

afbeelding links: de vroegst bekende advertentie in De Kampioen van 27 juli 1900

 

 


In oktober 1901 verzoekt Anton aan B. A. Jansen in Den Bosch, die importeur van De Dion Bouton was, om een uitgebreide beschrijving van een chassis. Dat zou erop kunnen duiden dat hij interesse heeft om op basis van een door Jansen geleverd chassis een automobiel te bouwen.

Begin 1902 verhuist Altena naar panden aan de Zoetestraat wat een vergroting van de bedrijfsruimte betekent. Dit gebeurt wel in de tijd dat Anton het waarschijnlijk druk heeft met zijn eigen auto en motorfiets die op de RAI-tentoonstelling in februari 1902 gepresenteerd zullen worden. Deze eerste auto is een tweepersoons 3½ PK Altena "voiturette" met De Dion Bouton blok. Voor de motorfiets kiest Altena voor een kruisframe en afslagmagneetontsteking. Het is een proefmodel, er zijn geen foto's van bekend.

altena-6.1

 

afbeelding links: In Nederlandsche Sport van 22 februari zien we de eerste advertentie van Altena Automobiles

 

 

 

 

 

 

Maar om mee te tellen in het Nederlandse motor- en autowereldje moeten de zaken groter worden aangepakt. Het lukt Anton om twee zakenpartners te interesseren voor zijn plannen, de heer C.L. de Veer en zijn zoon C. de Veer Jr., werktuigkundige (ingenieur). In juni 1902 wordt de "N.V. Haarlemsche Automobiel- en Motorrijwielfabriek voorheen A. van Altena" opgericht. Ondanks de naam staat in de oprichtingsakte duidelijk is aangegeven dat het vervaardigen van motorrijwielen de specialiteit van het bedrijf is. Pas aan het einde van het jaar zal de nieuwe fabriek gereed zijn en dus er is ook weinig ruimte (om niet te spreken van kapitaal en potentiële klanten) om veel van autofabricage te verwachten. Het hoofdgebouw van de firma verrijst aan de Wagenweg.

altena-3.6

 

Foto links toont de voorkant van het bedrijfspand. In de linker ruimte zijn twee fietsen te onderscheiden, wat zich in de rechter ruime met het opschrift "motorrijwielen" bevindt is niet zichtbaar. De auto is vrijwel zeker een circa 1902 Henriod, waarvan Altena eind 1902 het importeurschap verwerft. Op de RAI tentoonstelling in 1903 worden de Henriods op de Altena stand getoond, maar verder wordt slechts enkele keren met het merk geadverteerd en de zaak lijkt geen succes te zijn geweest.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In principe is aan het begin van de 20e eeuw het fabriceren van fietsen, motorfietsen en ook automobielen een tamelijk ambachtelijke bezigheid. Altena heeft niet veel machines of personeel nodig om van de aangeleverde materialen voertuigen te bouwen. Hij claimt met regelmaat in advertenties dat al zijn producten zuiver eigen fabricaat zijn, al moeten we dit interpreteren als "nabewerken" of "samenstellen uit onderdelen". Ruwe onderdelen van motorblokken kunnen bij diverse bedrijven worden besteld, al dan niet met de gewenste merknaam.

Van het tweede model motorfiets van Altena, dat al in de zomer van 1902 wordt ontwikkeld, is nauwelijks méér informatie te vinden: er zijn enkele afbeeldingen van model 1903 bekend, maar deze afbeeldingen tonen steeds dezelfde foto van de linkerkant van de machine.

altena-7.4

 

afbeelding links: brochure uit 1903

 

 

 

 

 

 


Hoewel de nadruk ligt op de fabricage van motorrijwielen, blijkt al snel blijkt dat de heren De Veer het niet eens zijn met Antons ideeën over de kernactiviteiten van het bedrijf en meer richting autofabricage willen. De eerste vermelding van een Altena auto is gekoppeld aan rijksnummer 373, op 23 mei 1901 uitgegeven aan J.B. van Geijen te Haarlem. De vermelding dat het hier om een 5 PK Altena gaat dateert echter van juni 1902.

In de periode september 1903 tot en met augustus 1904 is Anton de enige Nederlandse motorfabrikant die in die pioniersjaren deelneemt aan betrouwbaarheidsritten, zowel in binnen- als in het buitenland. De eerste rit is de Betrouwbaarheidsrit van de NAC. Door de geringe toegestane maximumsnelheid heeft deze rit meer het karakter van een gezelligheidsrit dan van een uithoudingsproef. Anton wordt tweede en wordt beloond met twee zilveren medailles, die later zijn briefpapier sieren en in veel advertenties gebruikt worden. In april 1904 doet Anton mee aan de wedstrijd Parijs-Bordeaux-Parijs met een 2 PK machine. Hij krijgt een eervolle vermelding. In augustus 1904 rijdt Anton de Engelse 1000 mijl betrouwbaarheidsrit, die zes dagen duurt. De Altena is met zijn 84 kilo de zwaarste tweewieler en Anton is de enige buitenlandse deelnemer. Anton komt vrijwel elke dag als eerste aan de finish, maar dat gaat ten koste van veel strafpunten, zodat hij in de einduitslag niet voorkomt. Wel maakt Altena uitgebreid reclame met zijn prestaties.

altena-4.6

 

foto links: Anton van Altena aan de start van de wedstrijd Parijs-Bordeaux-Parijs

 

 

 

 

 

 

 

 

 



Op de RAI-tentoonstelling in van 12 tot 21 februari 1904 is het al motorfietsen wat de klok slaat, maar liefst 24 worden er getoond. Er zijn overigens aanwijzingen dat het model 1904 al in het voorjaar van 1903 is ontwikkeld. Op de stand is ook één voiturette te zien, wat er op duidt dat de auto's weer naar de achtergrond verdwijnen. Vanwege de bescheiden ruimte, de beperkte financiën van het bedrijf, gebrek aan ervaring met het bouwen van auto's en weinig mankracht is het aannemelijk dat het voor de firma niet haalbaar is op zowel auto's als motoren te focussen.

altena-7.7

 

afbeelding links: In De Kampioen van 19 februari 1904 staat Anton van Altena te midden van zijn "kroost"

 

 

 

 

 

 

 


Er wordt nog wel geadverteerd met auto's, maar die advertenties moeten meer gezien worden als het uitgooien van een visje dan als het aanbieden van een bestaand model auto. Auto's worden op bestelling gebouwd en het is gebruikelijk om een behoorlijk deel van de koopprijs al bij bestelling te voldoen. Dit vereist een behoorlijk vertrouwen van de zijde van de klant in de capaciteiten van de fabrikant. Het lijkt aannemelijk dat dit vertrouwen er in 1904 niet in voldoende mate is.

altena-3

altena-7.10

 

afbeelding links: het model 1905

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Begin 1905 zijn er tekenen dat het menens wordt met de automobielfabricage. Op de RAI-tentoonstelling ontbreekt Altena, zijn verklaring valt te lezen in een advertentie in De Kampioen van 24 februari: "Door vele orders en door daarmede in verband staande drukte aan de fabriek konden wij dit jaar niet exposeren op de tentoonstelling te Amsterdam. Op stand 46 (bij de firma Veenstra & Co uit Den Haag) zijn echter Altena motors te bezichtigen."

Pas in juni 1905 zien we het eerste teken van leven van een Altena auto op straat als een redacteur van De Auto een positief verslag uitbrengt van een rit met een Altena.

altena-6.10

 

 

afbeelding links: De Altena uit de test van De Auto

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

altena-6.12

 

 

afbeelding links: de voorkant van waarschijnlijk de 8 PK

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

altena-6.14
afbeelding links: De Altena Landaulette van dr. A.E. ten Oever, arts te Haarlem

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vanwege "groot succes met de automobielfabricage" wordt de productie van motorfietsen in de zomer van 1905 beëindigd. Nog niet verkochte machines worden voor 300 gulden opgeruimd. Een andere interpretatie van deze switch is dat er zo weinig motorfietsen verkocht worden dat het bedrijf zich ten einde raad helemaal op auto's probeert te richten. Het zou namelijk niet zakelijk zijn een goed lopend product de nek om te draaien. Anderzijds zal het financieel misschien niet mogelijk zijn zich op beide producten te richten.

Er wordt echter enkele maanden later toch weer een model 1906 motorfiets uitgebracht en ook op de RAI van 1906 (van 2 tot 11 maart) geëxposeerd. Het is een 3½ PK Altena motorfiets, maar het is goed mogelijk dat dit "gemoderniseerde" overblijvers uit 1905 zijn. Naast de motorfietsen zijn er ook auto's te zien: een 8 PK 2-cilinder twee-persoonswagen en een 12 PK 2-cilinder vier-persoonswagen met carrosserie van Stam.

altena-6.15

 

afbeelding links: de Altena stand in 1906, bijna letterlijk in de schaduw van de opzienbarende Spyker stand. De rechter Auto zal waarschijnlijk van "carrosserie Stam" zijn voorzien, de linker lijkt de bekende 8 PK. Tussen de twee auto zien we twee Altena motorrijwielen

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Na de RAI lijkt het bedrijf nog eens alles uit te kast te halen door een breed scala van gemotoriseerde voertuigen aan te bieden, maar in juni valt het toch doek: de firma wordt in staat van faillissement verklaard door de arrondissementsrechtbank te Haarlem.

Altena 19061124 Telegraaf

 

Afbeelding links: van de inboedel vindt al in december 1906 een "... belangrijke veiling van machinerieën en gereedschappen.." plaats in lokaal De Vereeniging in Haarlem. Bericht uit de Telegraad van 24 november 1906.

 

 

 

 

 

 

 

 


Op 28 september 1907, bijna een jaar later, vindt in opdracht van de curator in verkooplokaal De Gouden Leeuw aan de Kromme Elle de veiling bij opbod en afslag plaats van het pand aan de Wagenweg. Waarschijnlijk direct na de veiling vertrekt Anton naar Amerika waar hij op 29 oktober 1907 in New York aankomt.

Altena 19091009 Staatscourant

 

Afbeelding links: aan het faillissement komt pas in oktober 1909 een einde als de slotuitdelingslijst verbindend is verklaard. Bericht in de Staatscourant van 9 oktober 1909.

 

 

 

Anton zal 17 jaar in Amerika blijven. Volgens eigen zeggen gaat Anton naar Californië waar hij enige jaren achtereen auto's verkoopt, demonstreert en repareert, totdat vliegtuigen zijn belangstelling krijgen. Ook weer volgens eigen zeggen bouwt hij in 1911 de eerste Amerikaanse eendekker, maar het opzetten van een Altena-vliegtuigfabriek is letterlijk te hoog gegrepen. Hij keert weer terug tot de auto's, werkt in de Overland-fabriek en aan de eerste Chrysler, die in de Maxwell fabrieken wordt gebouwd, ontwerpt tijdens de wereldoorlog aandrijvingen voor tanks, werkt daarna nog voor General Motors en enkele andere concerns, maar krijgt er in 1925 toch genoeg van en keert terug naar Nederland. Met automobielen en motoren heeft hij zich daarna niet veel meer bemoeid. Anton van Altena overlijd in 1944 te Amersfoort.

altena-2.2

Conclusie:
In verscheidene publicaties over de Nederlandse autohistorie staat dat Altena "volgens eigen zeggen" zo'n 50 auto's gebouwd heeft. In een interview in 1942 doet Anton wel een uitspraak over het aantal door hem gebouwde motorfietsen, maar zegt niets over de aantallen gemaakte auto's. Vincent van der Vinne concludeert in "Eysink, van fiets tot motorfiets" op pag. 84: "Meer reëel is dat door Altena slechts enkele auto's en misschien een honderdtal motorfietsen zijn gemaakt". En op grond van het bovenstaande lijkt het dat er hooguit een stuk of 10 auto's zijn vervaardigd.Samengevat uit een zeventigtal pagina's tellend artikel in het clubblad van de Veteraan Motoren Club, 53e jaargang, december 2010, geschreven door Ruud van Bijnen.

Foto's: archief Ruud van Bijnen, R. Branse en André van Altena

Copyright © Conam 2010-2017

All Rights Reserved.